| Thema: | Gods liefde is onvoorwaardelijk |
| Tekst: | Genesis 28: 10-22 |
| Tekstgedeelte(n): | Johannes 1: 44-52 Genesis 28: 10-22 |
| Door: | Ds. J. Ophoff (predikant gereformeerde kerk vrijgem. Zwijndrecht) |
| Gehouden te: | Zwijndrecht op 12 oktober 2003 |
| Opmerking RJCV: | In deze prekenserie volgen we de ontwikkeling in Jakobs leven. Hoewel enkele delen van deze serie ook
zelfstandig gelezen zouden kunnen worden, ontstaat er meer inzicht indien de delen in serie worden
gelezen. Jakob - 1: Gods verrassende keuze is genade, Jakob - 2: Esau blijft verantwoordelijk voor zijn daden, Jakob - 3: In het gevecht om Gods zegen zijn er alleen verliezers, Jakob - 4: Gods liefde is onvoorwaardelijk, Jakob - 5: In Labans huis zet God Jakob vast: bekering is nodig, Jakob - 6: De God van Betel bevrijdt Jakob uit de greep van Laban, Jakob - 7: God brengt Jakob in de crisis van zijn leven: alleen uit genade verzoening, Jakob - 8: Vernieuwing is een must: uit genade. |
| Extra: | Inleiding op de prekenserie: Jakob. |
Aanwijzingen voor de Liturgie
Votum en zegengroet
Ps. 99: 1, 3-4
Wet
Ps. 44, 1-2
Gebed (om opening van het Woord)
Lezen: Johannes 1: 44-52
Ps. 91: 1-2, 5-6
Tekst: Genesis 28: 10-22
Preek
Lied 115: 1-4
Gebed
Collecte
Ps. 121: 1-4
Zegen
Geliefde gemeente van Christus, gasten,
Jakob is helemaal vastgelopen. Hij was de zoon van een rijk man. Zijn vooruitzichten waren prima. Toch was Jakob bang: bang om te verliezen van Esau. Bang om de zegen te verliezen. Samen met zijn moeder probeerde hij de situatie naar zijn hand te zetten. Jakob wil alles beheersen, maar het loopt hem helemaal uit de hand. Nu is hij op de vlucht. De grond is onder zijn voeten weggeslagen. Wat voor toekomst heeft hij nog? Kan God nog iets met deze man? In Betel worden de poorten van de hemel geopend. Terwijl alle deuren voor Jakob zijn dichtgeslagen, gaat God een nieuw begin maken. Hij legt een nieuwe bodem onder Jakobs leven.
Thema:
Gods liefde is onvoorwaardelijk |
Jakob onderneemt een lange reis. Hij gaat naar Haran. Dat is een kleine duizend kilometer ver weg. Daar doet
Jakob wel even over. Jakob is de zoon van een rijk man. Hij is erfgenaam van een geweldige zegen. Maar er is nu
weinig van over. Jakob is op de vlucht. Hij heeft nauwelijks bezittingen mee. Niet meer dan een lifter die zo
goedkoop mogelijk Europa wil doorkruisen. Alleen reist Jakob met eigen vervoer.
Esau, de oudste, heeft nu toch het beheer gekregen over alle goederen van hun vader. Jakob moet proberen te
overleven. Hij zoekt elders geborgenheid. In een heel vreemd land, bij de familie van zijn moeder die hij helemaal
niet kent. Alleen uit de verhalen van Rebekka.
De schrijver benadrukt die eenzaamheid van Jakob. Het is een lange reis. De schrijver vertelt over maar één
gebeurtenis tijdens die heel lange tocht. Jakob komt bij een plaats. Hij moet er overnachten, want de zon
gaat onder. Hij pakt een steen om zijn hoofd op te leggen. Hij zal wel wat kleren over die steen hebben gelegd. Het
onderstreept zijn eenzaamheid. Jakob is heel kwetsbaar. Als hij de verkeerde mensen tegenkomt... Een bange
vluchteling voor wie de weg naar zijn veilig thuis is afgesloten.
Jakob gaat ergens slapen. Op een plaats. Je hoort nog niet waar. Hoe die plaats heet. Dat wekt
nieuwsgierigheid. Dit wordt een belangrijke plaats voor Jakob. Straks blijkt dat het Betel is. Nog aan het begin
van de reis naar Haran.
Jakob valt in slaap. Hij droomt. Dat is geen wonder na zulke ingrijpende gebeurtenissen. Velen van u zullen
regelmatig dromen. Als je 's morgens wakker wordt weet je je nog allerlei elementen te herinneren. Het is
een manier van verwerken. Maar deze droom komt van God. Dat kan niet missen. Jakob beseft het direct als hij wakker
wordt.
Hij ziet een ladder die is opgesteld op de aarde. De top van de ladder reikt tot aan de hemel. Het is geen smalle
houten ladder die diep doorbuigt. Jakob ziet meer een brede trap, zoals u zich die misschien kunt voorstellen bij
een paleis. Een stenen trap die van de aarde hoog oprijst naar de hemel. Er is ruimte voor tweerichtingsverkeer.
Engelen klimmen op en dalen neer.
Jakob ziet de Here bovenaan staan. Misschien mag je zelfs vertalen dat de Here bij hem staat. In elk geval spreekt
God Jakob aan. Ik ben de Here, de God van je vader Abraham en de God van Isaak. Abraham wordt zijn vader genoemd,
Isaak niet. Abraham is de belangrijkste. De Here is het verbond met hem begonnen.
Jakob, dat land waarop jij ligt, geef ik aan jou en je nageslacht. Je nageslacht wordt heel talrijk, als stof op de
aarde. Je zult je uitbreiden naar het westen, oosten, noorden en zuiden. Jakobs nageslacht zal doorbreken naar alle
kanten zoals een grote dam door water wordt doorbroken. En alle geslachten van de aarde zullen met jou gezegend
worden. Jakob, ik zal je helpen en beschermen, overal. Ik breng je naar dit land terug. Ik laat je niet in de
steek.
Moet je nagaan: Jakob is een vluchteling. Hij is zijn leven niet zeker. Hij moet maar zien of hij zich redt. Jakob
is alles kwijt. Hij heeft alle reden om bang te zijn. En dan komt God met de belofte van Abraham. God komt heel
nadrukkelijk met de naam van zijn opa aanzetten. Voor Jakob is de geschiedenis van het verbond nog maar kort. Maar
de Here bevestigt ook aan hem het verbond. In die benarde situatie vol ellende en eenzaamheid zegt God: Ik ben met
je. Ik laat je niet in de steek. Terwijl God alle reden had om Jakob in de steek te laten.
Zeker, Jakob was uitverkoren boven Esau. Maar Jakob heeft dat verschrikkelijk misbruikt. Hij liep God ook enorm
voor de voeten. Alsof God het wel eens zou zijn met zijn trucs en bedrog. Toch komt de Here bij hem op zijn vlucht.
Toch belooft de Here God hem bescherming en hulp, overal waar hij heengaat. God zal hem naar dit land terugbrengen.
Dat is helemaal Gods genade. Hij handhaaft zijn zegen. God heeft Jakob gekozen. Dat is genade alleen. Je kunt bij
Jakob geen enkele prestatie ontdekken. Niet iets waardoor hij de voorkeur verdient boven Esau. De Here komt bij een
Jakob die verloren is. Die het volstrekt uit de hand heeft laten lopen. Een Jakob die zelf de zegen wilde
binnenhalen, maar er een enorme puinhoop van heeft gemaakt.
God kiest mensen uit welbehagen. De keuze van zijn liefde. Jakob is een bedrieger die de vruchten van zijn eigen
daden oogst. Maar in zijn genade bevestigt de Here zijn verbond. Ik laat je niet in de steek. Ik ben met je
onderweg waar je ook heengaat. Jakob zal nog een heleboel meemaken, maar aan het begin van een nieuwe fase in zijn
leven zegt God: Ik laat je niet in de steek. Nergens en nooit. Ik breng je hier ook terug. Déze grond waar jij op
ligt.
Wat een blijde boodschap voor Jakob. Voor mensen. Uitverkiezing is genade. Als jij bent vastgelopen. Als jij geen
kant meer op kunt. Vastgelopen in je zonde, in bedrog, in de geheimen van je leven. Als je je afvraagt of God nog
ruimte voor jou heeft. Of als je psychisch bent vastgelopen. Je hebt geen vertrouwen meer. Je voelt je helemaal
verlaten. Maar God komt in zijn genade wel naar jou toe: Ik verlaat je niet. Gods verkiezing zet een streep onder
zijn genade: je krijgt het om niets. Die blijde boodschap wordt overal verkondigd. Mensen horen het als de blijde
boodschap van hun redding. Het is het grootste cadeau dat je kunt krijgen. Voor mensen die zijn vastgelopen. Mensen
die geen vertrouwen meer hebben in iemand. Mensen die volledig ten onder zijn gegaan in hun zondig leven. Verstrikt
in hun eigen bedrog en leugens. Voor u allen is er bij God ruimte. De ruimte van zijn evangelie dat bevrijdend
werkt.
U reageert misschien: dat is mooi, dominee. Maar je moet je toch ook bekeren. Je moet toch ook stoppen met je
bedrog. Met overspel. Met dat zondige leven. Dat is waar. Jakob moet ook een ander mens worden. Maar Jakob is in
Betel nog geen ander mens. Alleen doordat hij op de vlucht is, is hijzelf nog niet veranderd. Toch komt God bij
hem. Toch bevestigt de Here aan hem het verbond. Toch bemoedigt Hij: Ik laat jou niet in de steek. Dat de Here bij
hem komt, ligt niet aan een verandering bij Jakob. Dat is genade. God zorgt voor een nieuwe bodem onder Jakobs
leven. Geen zelfhandhaving, maar onvoorwaardelijke liefde van God. Je kunt altijd bij God terecht. Ook met een
leven dat aan puin ligt. Want de Here kent genade en bewogenheid over mensen die helemaal ontspoord zijn. Niemand
is voor Hem te min. Dat is genade.
De Here is de God van Abraham, Isaak en Jakob. Jakob staat ook in die rij. Hij is ook de stamvader van zoveel
mensen geworden. Jakob krijgt die belofte op het nulpunt in zijn leven. Alles wat Abraham en Isaak hadden opgebouwd
is hij weer kwijt. Hij gaat de omgekeerde weg van Abraham. Die ging van Haran via Betel naar Berseba. Jakob is
terug bij af. Maar hij is de erfgenaam. Jakob krijgt de zegen van God zelf. Niemand zal hem tegenhouden. Zijn
nageslacht zal de grenzen in alle richtingen doorbreken. De vluchteling hoort de boodschap van Gods genade: Wat God
beloofd heeft, maakt hij af.
Jakob wordt verbaasd wakker: de Here was werkelijk aanwezig op deze plek en ik besefte het niet. Jakob weet
natuurlijk wel dat de Here verschijnt aan mensen. Hij weet van het intensieve verkeer tussen zijn grootvader
Abraham en de Here. Maar Jakob had het niet verwacht. Het past ook niet binnen zijn wereldbeeld, waarin je zelf
alles beheerst. Het volgende ogenblik als hij de slaap uit zijn ogen wrijft, dringt tot hem door wat het betekent.
De schrik slaat hem om zijn hart. Wat een ontzagwekkende plaats is dit, zegt hij huiverend.
Dit moet wel het huis van God zijn. Trefzeker noemt hij het een poort naar de hemel. De trap stond op aarde
opgesteld naar een open hemel. God legt de verbinding met de aarde. Engelen klimmen en dalen. Jakob krijgt van God
te zien hoe Hij zorgt. Hoe engelen er elke dag zijn als een brug naar de hemel. Als bescherming van boven. De
komende twintig jaar bij Laban mag Jakob terugdenken aan die stroom van engelen van de hemel naar de aarde en
omgekeerd. Engelen waken over hem. God beschermt hem door zijn engelen.
Het is ook een onthutsend visioen. Jakobs wereldje bestond uit bedrog. Uit een tomeloze ambitie om de zegen te
grijpen. Een overzichtelijke wereld van een klein gezin. Maar God verbrijzelt Jakobs wereld. Hij opent de hemel.
Hij overbrugt de kloof met de aarde. Hij laat zien dat hij de zegen uitdeelt. In die droom laat de Here Jakob ook
zien dat Hij totaal niet afhankelijk is van Jakobs bedrog. De trucs van mensen. God staat er letterlijk ver boven.
Hij alleen zegent. Daar is Hij God voor.
Jezus grijpt in de ontmoeting met Natanaël terug op dit visioen aan Jakob. Hij zag Natanaël onder de vijgenboom
zitten nog voor Filippus hem riep. Natanaël belijdt hem als de Zoon van God, de koning van Israël. Jezus reageert:
geloof je hierom al? Je gaat nog wel wat anders beleven. Je zult de hemel open zien en de engelen van God opstijgen
en neerdalen op de Zoon des mensen.
Jezus heeft dan niet het oog op een bijzondere gebeurtenis. Maar Hij zinspeelt op die droom van Jakob en zegt
eigenlijk: wat bij Jakob even in een droom gebeurde - de hemel ging open - dat wordt in Mij helemaal werkelijkheid.
De Here Jezus zelf is als het ware de trap uit de droom van Jakob. Door zijn komst op aarde is de hemel opengegaan.
Wanneer je in Hem gelooft, leef je onder een open hemel. De Here Jezus heeft die verbinding met God weer helemaal
hersteld. Je bidt tot Vader. Vaders engelen zorgen voor jou. Je leeft onder zijn bescherming. Met zo'n
Vader ben je veilig onder een open hemel. Vader kent je in je nood, je zorg, je angst. Hij helpt. Vader laat jou
nooit in de steek. Jezus legt de nieuwe bodem onder je bestaan. De bodem van Gods genade. Leven uit Gods
onvoorwaardelijke liefde.
Jakob richt op die plaats een steen op, de steen. Hij giet er wat olie op uit een kruikje dat reizigers meestal bij
zich hadden. Het kussen van Jakob wordt tot een gedenksteen. Op een plaats om nooit meer te vergeten. Nu pas hoor
je dat Jakob die plaats de naam Betel geeft, huis van God. Voor die tijd heette het Luz. Een plaats met een naam om
nooit weer te vergeten. Hier openbaarde God zich aan Jakob. Op dat cruciale moment uit zijn leven. Hier komt Jakob
terug.
Jakob kijkt vooruit. Hij doet een gelofte. Hij grijpt daarin terug op Gods belofte. De Here zal met Hem zijn.
Wanneer de Here levensonderhoud en bescherming geeft. Wanneer Hij hem een behouden terugkeer geeft naar het gezin
van zijn vader - dat Jakob net verlaten heeft! Dan zal de Here hem tot een God zijn. Jakob stelt aan God heus geen
voorwaarden. Dat denk je zelf misschien even. Maar hij verwerkt Gods beloften in zijn eigen gelofte. Hij maakt ze
zich eigen in een leven met de Here. Op deze plaats is God tegenwoordig. Hier zal Jakob Hem vereren als hij
terugkeert. Jakob zal God ook de tienden geven. Want alles wat Jakob krijgt, ontvangt hij van de Here. Het
dieptepunt in zijn leven is een hoogtepunt geworden. Jakob belijdt dat Hij met de Here wil leven. Betel is een
nieuwe start vanuit de crisis.
Dat betekent niet dat Jakob er al is. God grijpt in en alles is klaar. Vanaf nu loopt Jakobs leven voorspoedig. Dat
is niet zo. Jakob is zijn verleden niet zo maar kwijt. Hij heeft ook zijn karakter niet in één keer overwonnen. Er
komt nog een lange tijd vol beproevingen. Jakob moet een ander mens worden. Dat is hij niet in één keer. Jakob
heeft de belofte en de zegen ontvangen. Maar ook hij moet leren wat leven in het verbond betekent: leven uit
genade. Jakob moet leren wat het betekent dat jij je leven niet zelf kunt maken. Je kunt het niet zelf in de hand
houden. Jakob mag nog leren wat het betekent te groeien in geloof en liefde. En zo de Here te dienen. Alles los te
laten wat mensen graag willen vasthouden en beheersen. En je overgeven aan God. Veilig in zijn genade. Veilig bij
zijn onvoorwaardelijke liefde.
Gods onvoorwaardelijke liefde is ook voor jou. Het is fantastisch nieuws voor zondige mensen. Mensen die alles
willen beheersen. Mensen die elk vertrouwen in hun medemens kwijt zijn. Het is de blijde boodschap van een open
hemel. Christus heeft ruimte gemaakt. Alle blokkades en hindernissen van ons zijn weg. Het wordt je door God
vergeven in Jezus Christus.
Het is ook een boodschap van vernieuwing. God verandert mensen. Meestal niet in één keer. Vaker in een langdurig
proces zoals bij mensen als Jakob en ook Mozes. Dwars door allerlei ervaringen en crises heen word je een ander
mens. Een nieuw mens. Een mens die steeds meer de Here Jezus gaat liefhebben. Een mens die steeds dieper zicht
krijgt op wie God is. En wie je zelf bent. God gaat met je mee in de geschiedenis van je leven. Want Hij heeft een
verbond met je gesloten. Hij laat je niet in de steek.
Vertrouw op de Here God. Geloof Hem in die blijde boodschap van genade. Christus opende de hemel helemaal. Engelen
beschermen je. Christus ging zelf ook weer naar de hemel. Straks krijgt u ook deel aan die heerlijkheid. Jakob
kreeg er even zicht op in zijn droom. Meer dan die droom hebt u gezien in Jezus Christus. Als Hij terugkomt, komt
de hemel op aarde. Dan wordt alles nieuw.
Amen.
http://www.prekendiespreken.nl/
For questions or remarks mail to
© Copyright Preken die Spreken / Speaking Sermons / Pregação Viva,
2004-2012.
No part of this publication may be reproduced or copied or made public
in any form without the expressed written authorization from Richard J.C.
Vos and the contributing minister. No consent to copy is required if it is
to be used for public worship service or preparation for Bible study(meetings).