Door de genezingen laat de Here Jezus duidelijk zien dat Hij de Redder der wereld is

Thema: Door de genezingen laat de Here Jezus duidelijk zien dat Hij de Redder der wereld is
Tekst: Marcus 6:53-56
Tekstgedeelte(n): Marcus 1: 21-34
Marcus 1: 40-42
Marcus 3: 1-12
Marcus 6: 6-13
Door: Ds. Ton de Ruiter (destijds predikant gereformeerde kerk vrijgem. Enkhuizen)
Gehouden te: Enkhuizen op 20 augustus 1995
Broek op Langedijk op 20 augustus 1995

Aanwijzingen voor de Liturgie

Ps. 76: 1-2
Na Wet / Geloofsbelijdenis: Ps. 76: 3-4
Schriftlezing: Marcus 1: 21-34; Marcus 1: 40-42; Marcus 3: 1-12; Marcus 6: 6-13
Ps. 77: 1, 3-4, 6 (deze psalm aankondigen met woorden als: deze psalm leert ons in allerlei nood troost te zoeken in het gedenken van Gods grote daden. Dat willen wij ook doen door straks naar de grote daden te zien die de Here Jezus op aarde gedaan heeft. Mozes was Israëls leider. De Here Jezus is onze leidsman!)
Tekst: Marcus 6: 53-56
Preek
Gez. 24: 1-2
Gez. 24: 3-5

Wat moet dat een feest geweest zijn toen de Here Jezus op aarde was.
Vele zieken werden genezen. Langdurig zieken, melaatsen, verlamden, blinden, doven. Welke kwalen er ook waren - ze werden genezen! Zelfs bezetenen werden verlost.

Probeert u zich dat eens in te denken. Dat betekende toch: vreugde en blijdschap in vele gezinnen. Dankbaarheid en verwondering in vele huizen. En steeds weer de vraag die gesteld werd: hoe komt het dat jij beter bent? Hoe kan dat?
En steeds dat antwoord: Jezus! Hij heeft het gedaan! We lazen het tussen de regels door: de naam van de Here Jezus gonsde door het hele land en tot ver daarbuiten: Jezus van Nazaret - Hij doet wonderen. Hij verlost van allerlei kwalen. Niets is Hem te wonderlijk. Niets is Hem te moeilijk. Van alle kanten stroomden de mensen toe. Want bij Jezus is redding, heil.

En ook Jezus Zelf liet dat horen. Hij verkondigt: Kom allen tot Mij die vermoeid en belast zijt en Ik zal u rust geven. Kom tot Mij, allen die moet huilen en treuren en Ik zal u rust geven - want Ik ben verlosser. Bij Mij ben je zalig!
En we lezen het in onze tekst: de mensen stroomden toe. En allen die Hem aanraakten werden gezond.

Dat wil ik u verkondigen:

Door de genezingen laat de Here Jezus duidelijk zien dat Hij de Redder der wereld is

We zien:

  1. Het koninklijke van zijn genezingen
  2. De eis bij zijn genezingen
  3. De betekenis van zijn genezingen

1. Het koninklijke van zijn genezingen

Als je een stuk van de evangeliën achter elkaar doorleest kom je onder de indruk van het koninklijke optreden van Jezus. Van zijn macht!
Ziekten en kwalen verdwijnen als Hij dat wil. Zèlfs mensen die in de greep van boze geesten waren, in de greep van de duivel, worden verlost! Jezus beveelt de boze geesten gewoon: "Laat uw prooi los! Ga uit die mens". En ze gaan! Vaak tegen hun zin, en schreeuwend en angstig. Maar ze verlaten de mensen die zij bezet hadden. Want Jezus dwingt hen. Ze moeten wel. Dat is de Here Jezus!

Even over die bezetenen:
Het lijkt er op dat God in die dagen vele mensen overgegeven had aan de macht van duivelen. Wellicht als gevolg van bijgeloof en afval in Israël. Zoals ook vandaag mensen die met occulte zaken bezig zijn en met geesten contact zoeken, in de greep van boze geesten kunnen komen. God kan mensen dan aan satan overgeven. En haal ze er dan maar eens uit!
In Jezus dagen waren er vele bezetenen in Israël. En Israël stond er machteloos tegenover. Gods volk voelde de nood. Ja, men voelde letterlijk: er zijn machten die het leven dreigen kapot te maken - duivelen, boze geesten die onheil brengen en mensen zelfs het vuur en het water in jagen.
Sommige bezetenen waren zelfs zo sterk dat ze met geen mogelijkheid in bedwang te houden waren (Marc 5). Maar Jezus verschijnt en de boze geesten sidderen! Ze schreeu
wen angstig. Zo is Jezus! Hij is Koning.
Zo gaat het als Hij verschijnt.
Zo zal het ook gaan op de laatste dag van deze wereld als Hij verschijnt op de wolken om te oordelen de levenden en de doden.
Geen macht zal Hem tegen houden. De grootste en de brutaalste personen zullen verbijsterd zijn en sidderen. Want hun uur is dan geslagen. Ze moeten wijken voor Koning Jezus en zijn rijk.

Zie, hoe koninklijk verjaagt Hij alle ziekten en alle kwalen. De grootste en meest deskundige dokter of specialist onder de mensen is een kleine jongen vergeleken bij onze Heer. Wie kan verlossen en genezen zoals Hij? Hij spreekt, en de genezing is een feit. Hij laat zich aanraken en de mensen genezen!
Koninklijk, machtig.
En ook koninklijk in de zin van royaal (= het franse woord voor koninklijk). Inderdaad, Hij is niet zuinig. Het kan niet op. ALLEN die tot Hem komen worden genezen. Hij neemt alle ziekten en kwalen van hen af. Hij geeft mensen de vrijheid. Overal werd er over gesproken. Het was overal het gesprek van de dag.

We lezen nu in onze tekst dat hij in Gennesaret komt. Dat was een vruchtbare streek. Er woonden daar veel mensen. Als Hij daar aankomt wordt Hij meteen herkend. Er wordt geroepen: "Daar is Jezus; Jezus van Nazaret!".
En terwijl Jezus door dat gebied heen reist rennen de bewoners alle kanten uit. Ze roepen: Jezus is er. En ze brengen en slepen alle zieken die ze kunnen vinden naar Jezus toe. Heel de streek komt in beweging! Drukte en spanning, overal! In ieder stadje, dorpje of gehuchtje waar Jezus komt liggen de zieken op matrassen te wachten op de markten. Ze smeken: mogen we uw kleding aanraken? En dan mogen ze dat. Ze raken de kwast van zijn kleed aan. Dat is een sierstukje, een bundeltje draadjes dat onder aan de jassen hing. Ze mogen het aanraken en dan voelen ze het! En ze beginnen te juichen: ik ben genezen! In ben genezen!
Zo klonk het overal waar Jezus geweest was.
Machtig en royaal redde Jezus. Allen die Hem aanraakten werden genezen. Niemand kwam tevergeefs. Kracht genoeg, heil genoeg. Nooit schoot zijn kracht tekort.

Zelfs doden werden opgewekt. Het dochtertje van Jaïrus (net gestorven), de jongeling te Naïn (op weg naar de begraafplaats), Lazarus (die zelfs al een paar dagen in zijn graf lag).
De mensen zagen het en ze hoorden het. En het gonsde door het land. En op allerlei plaatsen klonk de vraag:
- hé, jij was toch zo ziek? Ben jij nu beter? Ja - Jezus!
- hé, jij was toch verlamd? Hoe ... Ja - Jezus!
- he, blinde; hoe komt het dat je nu mij kunt zien? Ja ... Jezus!
- hé, jij was toch doof en nu hoor je mij! Hoe ....? Ja - Jezus!
En zou het niet gebeurt zijn dat ineens iemand riep: - hé, Lazarus, jij was toch dood? - ik, ik ben zelfs op jouw begrafenis geweest; hoe, wat is er geb..? Jezus kwam!

Het is volkomen duidelijk: wie heeft macht over dood en graf?
Wie is er sterker dan ziekten en allerlei kwalen? Sterker dan welke boze geesten ook? Sterker dan satan?
Wie is koning? Zo zelfs dat alles moet wijken als Hij dat wil?? Jezus!

En de discipelen hebben het gezien. En ze hebben het opgeschreven opdat ook wij het zouden weten.
De vloek en de dood, die als gevolgen van de zonde in de wereld heersen, zijn niet de sterkste machten.
De zonde, die de oorzaak is van de vloek en de ellende in de wereld heeft je niet meer in de greep als je bij Jezus komt! Dan springen de banden van zonde, ziekte en dood. Kijk maar. Lees maar.
De vloek, Gods straf op de zonde is dus niet meer het belangrijkste waar we over moeten praten. Jezus, onze Heer is het belangrijkste. Hij, Jezus, nam ziekten, kwalen en handicaps van mensen af. Waarom?
Omdat Hij wilde laten zien dat bij Hem verlossing is van de vloek. De straf op de zonde ging Hij wegdragen aan het kruis. Hij ging naar Golgota!
En bij voorbaat liet Hij iets van de gevolgen zien en proeven.
Hij liet zien en voelen: de gevolgen van de zonde in het leven, ziekten, en dood - ze zijn in Mijn handen. Ik neem dat weg. Ik redt. Kom tot Mij!

De vloek wordt door Hem gedragen. En nu kan Hij de kwalen wegnemen wanneer Hij wil. Hij heeft het er over te zeggen. En ze duren geen minuut langer dan Hij nodig oordeelt voor de bouw van zijn rijk!
Ja, zelfs de dood hoeft geen angst meer aan te jagen.

Hij gaat ons leven herstellen, weer recht maken in Gods oog.
Zo gaat Hij volkomen verlossing bewerken op een nieuwe aarde. Hij kan en zal alle tranen afwissen en alles nieuw maken.
Jongens en meisjes, broeders en zusters; die Koning Jezus is onze Heer!

Toen Jezus verscheen in Gennesaret - toen kwam er grote vreugde over die landstreek. Verlossing werd zichtbaar en voelbaar.
Maar er ontstond ook ergernis. Er waren er ook die zich aan Hem ergerden. We lezen daarvan in de evangeliën. Die mensen zochten ook geen heil bij Hem. Anderen zochten wel genezing bij Hem maar hebben zich later toch aan Hem geërgerd. Want genezing wilden ze wel hebben. Maar toen Hij aan het kruis ging; toen moesten ze erkennen: Hij hangt daar voor mij; voor mijn zonden, mijn schuld! En dat ging velen te ver. Genezing van kwalen, dat willen ze wel. Maar ook van zonden? Is dat nodig dan?

Broeders en zusters, jongens en meisjes, toen de Here Jezus verscheen in Gennesaret gebeurde er heel veel.
Als Jezus straks verschijnt op de wolken - terugkeert uit de hemel om te oordelen de levenden en de doden - dan zal ditzelfde gebeuren - alleen dan wereldwijd.
Vreugde, heil en blijdschap - feest voor allen die Jezus als hun Redder aangeroepen hebben. Maar droefheid, ergernis en tandengeknars, pijn, spijt, verdriet, ellende, de hel, voor allen die geen heil, geen verlossing zochten bij Jezus, bij deze Koning.

2. De eis bij zijn genezingen

Na het koninklijke in de genezingen, nu de eis bij de genezingen.
Stelde Jezus eisen? Het lijkt er niet op. Allen die Hem aanraakten werden genezen, staat er.
Bij de Here was blijkbaar nooit een zuinig gezicht; zo van: nou of ik jouw wel kan en mag genezen? - dat weet ik nog niet. En ook lees je nooit een opmerking als: jou helpen? Nee, dat kost me teveel. Jij bent zo'n grote zondaar.
Ook stelde de Here nooit de vraag aan een zieke: wat heb jij te bieden? Wat geeft u Mij als Ik u genees? Nee, Jezus schenkt, schenkt voor niets!
Ook achteraf liet Hij de discipelen geen nota's uitschrijven. Men ontving echt gratis. De genezing was geschenk, genade van de grote Koning.

Maar toch is er een eis. Welke dan?
Nou, jongens en meisjes, wie werden er genezen?
Allen die kwamen als Jezus in de buurt was. Als ze zich desnoods naar Hem toe lieten dragen. Ze moesten kómen! Want als ze thuisbleven ontvingen ze géén genezing. Voorwaarde, eis was dus: dat ze geloofden, vertrouwden dat er genezing bij Hem te vinden was.
Dat was toen genoeg!
Als zij zo, in vertrouwen tot Jezus kwamen, dan genas Jezus hen. Dan liet Hij merken: wie op Mij vertrouwt komt niet beschaamd uit.
Nee, de Here vroeg toen nog niet dat de mensen Hem al zouden belijden als de Zoon van God die de zonden der wereld weg zou nemen en als gevolg daarvan ook de ziekten en alle vloek. Nee, dat wilde Hij hen toen juist leren. Zover wilde Hij hen brengen door zijn wonderdaden: mensen, zie dit alles en denk na!! Dat ze toen met hun noden en ziekten naar Hem toekwamen was toen genoeg.
En Jezus demonstreerde: wie tot Mij komt, komt niet tevergeefs! Geloof dat nu, nu ik hier rondloop op aarde. Geloof het ook straks en heel je leven, ook als Ik straks hier niet meer zichtbaar rondloop.
Dat was overduidelijk voor iedereen: wie tot Hem gaat ontvangt verlossing. Wie Hem aanraakt ontvangt hulp.
En dat geldt vandaag nog net zo. Wie van Jezus hoort, moet biddend en luisterend tot Hem gaan. Dagelijks heil en hulp bij Hem zoeken. Dat kan! Want we mogen dagelijks zijn woorden lezen en tot Hem bidden. Dagelijks Hem zo aanraken, contact met Hem hebben.
Dagelijks staat Hij voor ons klaar en is Hij bereikbaar. We kunnen naar Hem toe door onze handen te vouwen en de ogen te sluiten.
De eis die Redder Jezus stelde voor de genezingen was simpel: ze moeten tot Mij komen. Dan wil Ik aan hen werken. Dan sta Ik voor hen klaar.

3. De betekenis van zijn genezingen

En zo komen we tot de betekenis van die genezingen voor vandaag.
Wij leven ná Goede Vrijdag, pasen, hemelvaart en Pinksteren.
We weten nu zoveel méér van de Here Jezus. Wij mogen daarom ook veel méér verwachten dan de mensen in Gennesaret deden.
Wie vandaag tot Jezus komt, alleen om genezen te worden van lichamelijke kwalen (zoals velen toen), roept tevergeefs.
Wie alleen welvaart en welzijn voor dit leven bij Jezus zoekt, zoekt tevergeefs.
We weten toch uit het Nieuwe Testament dat de verlossing van de Here Jezus veel en veel dieper gaat dan vele mensen toen in Gennesaret begrepen.
Zij zochten genezing voor hun kwalen - en dat was goed - want ook dat valt niet buiten zijn verlossingswerk; we zullen eens echt een nieuw en volkomen gezond lichaam van Hem ontvangen; echt uit zijn handen krijgen.
Maar de genezingen van toen waren slechts tijdelijk! En ze waren ook bedoeld als tekenen van een veel grotere verlossing.

Al die genezenen in Israël uit die dagen - kenden in hun verdere leven weer ziekten en werden vaak weer neergedrukt door allerlei kwalen en lasten. En ze kwamen tenslotte allemaal ook op het moment dat ze moesten sterven. Ook het dochtertje van Jaïrus en Lazarus. Herstel was, hoe fijn en schitterend ook, toen toch nog maar tijdelijk. Het waren tekenen. Maar velen hebben toen niet méér dan alleen verlossing van hun kwalen bij Jezus gezocht.

Maar na pasen weten we dat er een diepgaandere verlossing te vinden is bij Jezus. Vergeving van al onze zonden en eeuwig onvergankelijk leven! En Hij schenkt het ieder die tot Hem komt. En de rest? Genezing van ziekten? Ach dat komt wel. Dat zit onlosmakelijk vast aan de vergeving van zonden. Dat komt zeker ook. Dat is onlosmakelijk vervolg.
Nee, ziekten en kwalen blijven hier vaak nog, ook bij mensen die vergeving van zonden ontvangen hebben. Het leven van mensen die Jezus aanraken kan zelfs moeilijk zijn (zodat klaagpsalmen passen op onze werkelijkheid).
Maar toch is alles anders. Door het geloof dat wie Jezus aanraakt genezing ontvangt van de wortel van al onze nood en ellende: de zonde (de oorzaak van onze honger en kommer; H.A.formulier).
Onze noden - we dragen ze. Maar bevrijd van zondeschuld. Ze zijn geen straf meer. Want alles is volbracht, betaald.
We dragen onze lasten als burgers van Gods rijk, als erfgenamen van God. Als volgelingen van Jezus van Nazaret, die voor ons de hel in ging.
En we weten dat onze Here Jezus ook de ziekten en handicaps in zijn handen heeft en alles wat daar aan vast zit. En we dragen ze voor Hem, in zijn dienst. Niet voor straf, maar om Hem te dienen. Hij vindt het blijkbaar nodig voor zijn machtig koninkrijk.

Broeders en zusters, jongens en meisjes, even een vraag in dit verband: Zou de Here Jezus ons een dag langer laten lijden of tobben als Hij dat niet om een of andere reden nodig acht? DAT MOETEN WE ALLEN STELLIG GELOVEN! En Hij gaat echt met ons mee. Ook al kan het moeilijk zijn. Hij weet echt hoever Hij kan gaan met ons!
En we leven met het vooruitzicht dat we bevrijd zullen worden, verlost van alle kwalen - door Jezus. Niet tijdelijk maar eeuwig!
Als we Hem maar aan blijven raken. Contact met Hem houden. Dagelijks.

Broeders en zusters, jongens en meisjes: ik hoop dat u allemaal ook begrijpt dat het aanraken van de Here Jezus vandaag meer betekent dan toen in Gennesaret.
Vandaag betekent het: alles, alles van Hem verwachten. En Hem vertrouwen als onze Koning, steeds maar weer. In al onze omstandigheden. Geloven dat alle machten die het leven kunnen neerdrukken niet het machtigst zijn. Jezus alleen heeft het in uw leven te zeggen! Raak Hem steeds aan. Verwacht alles van Hem: vergeving van zonden;
- hulp bij allerlei kruis dat u moet dragen;
- hulp om te blijven geloven, in tegenspoed en in voorspoed;
- volharding om te blijven uitzien naar zijn wederkomst en naar de volkomen verlossing, de heerlijkheid bij onze God en Vader.

Raakt u zo dagelijks de Here Jezus aan? Neemt u daar de tijd voor? Raak je zo dagelijks de Here Jezus biddend aan? Nee, niet zoals de mensen in Gennesaret. Velen raakten zijn kleding even aan. Vluchtig contact. Ze vroegen en ontvingen vluchtig, tijdelijk herstel.
Maar wij? Wij zoeken toch meer bij Hem? De volkomen en volmaakte verlossing?
En in die weg vinden we genezing. Nee niet altijd zoals wij dat willen. Vele kwalen blijven. Maar toch wordt alles anders. Er schijnt toch weer licht - door Jezus Christus. Want Hij neemt ons bij de hand met al onze kwalen en gebreken. En Hij laat ons niet los.
En Hij zal eens - of het nog lang zal duren of kort; ik weet het niet - verschijnen op de wolken. En alle ogen zullen Hem zien.

Er kwam in de streek Gennesaret grote vreugde toen Jezus verscheen. Vreugde voor allen die heil zochten bij Jezus. Zo zal er eens nog veel grotere, ja eeuwige en blijvende vreugde zijn, voor allen die Jezus in hun leven vasthouden. Die steeds met Hem in contact blijven. Voor allen die Hem steeds aanraken.
Wat was het mooi toen de Here Jezus verscheen.
Wat zal het geweldig zijn als Hij weer zal verschijnen!

Amen.

Terug naar

Terug naar Preken die Spreken
border

http://www.prekendiespreken.nl/
Heeft U vragen of opmerkingen, mail naar