Nehemia (Deel 1: Nehemia leert je dat bidden fundamenteel is)

Thema: Nehemia leert je dat bidden fundamenteel is
Tekst: Nehemia 1
Tekstgedeelte(n): Nehemia 1: 1 - 2: 6
Door: Ds. J. Haveman (predikant gereformeerde kerk vrijgem. Hattem-Noord)
Gehouden te: Roodeschool op 2 juli 2000 / e.a.p.
Opmerking RJCV:

De prekenserie Nehemia bestaat uit:
1: Neh01 - Nehemia leert je dat bidden fundamenteel is
2: Neh02v20 - Nehemia laat zien dat God werkt door mensenhanden
3: Neh04 - Laat je niet ontmoedigen door tegenstand maar wapen je er tegen!
4: Neh05 - Echte gemeenschap is eerlijk delen (Voorbereiding viering Heilig Avondmaal)
5: Neh08v11b - Wees blij om wat God geeft (Nabetrachting)

Delen 1-3 zijn elk ook zelfstandig te lezen.

Extra: Inleiding op de prekenserie: Nehemia.

Aanwijzingen voor de Liturgie

Votum en zegengroet
Ps. 18: 1
(Morgendienst: wet)
Ps. 18: 7-8
Gebed
Lezen: Nehemia 1: 1 - 2: 6
Ps. 79: 1, 3
Tekst: Nehemia 1 (naar keuze kan de tekst hier voor de 2e keer gelezen worden)
Preek
Ps. 66: 6-7
(Middagdienst: Geloofsbelijdenis)
Gebed (Dankgebed)
Collecte
Ps. 48: 1, 4
Zegen

Gemeente van de Here Jezus Christus,

Misschien herkent u dat wel, dat er momenten zijn dat je jezelf hoort bidden. En dan bedoel ik niet alleen dat je hardop bidt, maar dat de woorden die je uitspreekt zo bekend zijn dat ze je haast niks meer zeggen. Dat je gedachteloos bidt. Allemaal zinnen die je misschien al wel honderd keer gezegd hebt. En de kinderen weten precies: als m'n vader dit gezegd heeft, dan komt dat. Hoe vaak betrap je jezelf er niet op dat je zit te bidden op de 'automatische piloot'? Dat je de woorden achter elkaar aanplakt, zonder dat je er bij nadenkt, zonder dat je je goed realiseert wat je zegt.
Is dat erg, zo bidden? Stel je voor dat iemand bij je komt en jou iets vraagt, maar je merkt aan die persoon dat hij er met z'n gedachten niet bij is. Hoe komt dat dan op je over? Krijg je dan niet het gevoel: meent hij of zij wel wat 'ie zegt? Of is het niet meer dan een formele plichtpleging? Hoe zou de Here het vinden wanneer je er met je gedachten niet bij bent als je tot Hem bidt.
Maar kun je dan volmaakt tot Hem bidden? Is het niet altijd zo - omdat je zondig bent -, dat je gebed gebrekkig is? Ja, dat is zo. En gelukkig houdt de Here daar ook rekening mee en luistert Hij ook niet naar je omdat je zo goed of mooi kunt bidden, maar wil Hij je verhoren om Christus wil. Gelukkig staat de Here Jezus tussen jou, je bidden en God in. En wil Hij je gebed volmaken. En gelukkig wil Hij de Heilige Geest geven om je te helpen te bidden.
Maar dat neemt niet weg, dat je je er wel voor moet inspannen om te bidden. Dat je er wel bij nadenkt wat je bidt en hoe je bidt. En dat je ook kunt leren bidden.
Nehemia kan je daarbij helpen. We willen vandaag het gebed van Nehemia gaan bekijken om te zien wat we daar aan kunnen hebben voor ons eigen gebed.

Het thema is:

Nehemia leert je dat bidden fundamenteel is

  1. Wie Nehemia is
  2. Wat de aanleiding is voor zijn gebed
  3. Hoe hij bidt

Nehemia leert je dat bidden fundamenteel is.

1. Wie Nehemia is

"Hé, jongens en meisjes, weten jullie wat een dagboek is? O, jullie willen natuurlijk eerst weten wie ik ben. Ik heet Nathan ben Nehemia, dat betekent Nathan zoon van Nehemia. Ik ben 13 jaar en woon in de stad Susan. Susan is een heel mooie stad waar allemaal rijke mensen wonen en waar het paleis van de koning van Babel staat. Heb je wel eens een paleis gezien? Nou, ik denk nog nooit zo'n groot en schitterend paleis als hier in Susan staat. Want de koning van Babel is heel machtig: hij heeft heel veel landen veroverd. Ook het land waar de opa en oma van mijn opa en oma vroeger woonden. Dat land heette Israël. Al een hele tijd geleden is ons land veroverd en kapot gemaakt en in brand gestoken en zijn heel veel mensen van mijn volk naar Babel gebracht. Ik ben nog nooit in Israël geweest. Ik heb alleen gehoord dat het een heel mooi land is en dat in de hoofdstad, die heet Jeruzalem, dat daar de tempel van de Here God is. Ongeveer tachtig jaar geleden is de tempel weer helemaal opgebouwd. Ja, toen mochten de mensen van mijn volk weer terug naar Israël. En toen hebben ze de tempel weer opgebouwd, want die was ook helemaal vernield. En toen ik geboren ben, dus ongeveer dertien jaar geleden, is er weer een groep Joden naar Israël gegaan. Hun leider heette toen Ezra. Zij wilden van Jeruzalem weer een echte stad maken, met sterke muren en stevige torens. Maar er waren mensen die Ezra niet aardig vonden en die het niet fijn vonden dat Jeruzalem weer een sterke stad zou worden en toen hebben ze onze koning gevraagd of hij het niet wilde verbieden. En dat heeft hij toen gedaan. Jammer hè? Maar ik vroeg jullie of jullie wisten wat een dagboek was. Heb je er zelf ook een? In een dagboek schrijf je op wat er op een dag allemaal is gebeurd. Dat is leuk om later nog weer eens terug te lezen en goed om dingen te kunnen onthouden.
Weet je, mijn vader heeft ook een dagboek. Hij schrijft erin op wat hij heeft meegemaakt. En dat is best interessant, joh. Want… mijn vader werkt in het paleis. Ja, bij de koning! Heb jij jullie koningin wel eens in het echt gezien? Lijkt je best leuk zeker, hè. Nou, mijn vader ziet de koning en de koningin elke dag. Hij is de schenker van de koning. Dat betekent dat hij de wijn van de koning moet proeven en inschenken in mooie zilveren bekers. En soms vraagt de koning ook wel eens wat aan m'n vader, hoe hij ergens over denkt. En mijn vader schrijft dat dan allemaal op. In zijn dagboek. Ik zou later ook best op het paleis willen werken…"

Verder is er niet zoveel bekend over Nehemia, broeders en zusters. Wel natuurlijk dat hij de inspirerende leider is geworden, de organisator van de herbouw van de muren van Jeruzalem. En dat hij een bijbelboek heeft geschreven. In dat boek zijn, zou je kunnen zeggen, zijn dagboekaantekeningen opgenomen (hoofdstukken 1-7 en 13) en daarnaast officiële rapporten die hij als landvoogd van Juda opmaakte (hoofdstuk 8-12).
De boeken Ezra en Nehemia horen bij elkaar. Beide boeken zijn het vervolg van Kronieken, waarin een terugblik wordt geboden op de geschiedenis van Israël, een geschiedenis waarin de tempel en het godsdienstige en geestelijke leven centraal staan.
Tot zover over wie Nehemia was.

Nehemia leert je dat bidden fundamenteel is.

2. Wat de aanleiding is voor zijn gebed

Er zijn mensen die het raar vinden om dingen die ze in hun dagelijks leven meemaken te noemen in hun gebed. Die het moeilijk vinden om te bidden voor actuele gebeurtenissen. Of heel concreet iets aan de Here te vragen. Mag je bidden om ander werk, om een groter huis als die waarin je nu woont echt te klein is geworden, om het slagen voor een zwemdiploma? Als je een fiets nodig hebt, of een computer voor je werk, ga je daar dan om bidden? Kun je dat wel doen? Is dat niet oneerbiedig?
Laten we eens kijken naar Nehemia. Hij woonde met z'n gezin nog steeds in Babel, in vreemd land, te midden van mensen die God niet kenden. Waarom was hij niet meegegaan, dertien jaar geleden, toen Ezra met een grote groep Joden naar Israël was teruggekeerd? Wilde hij z'n goede baan niet opzeggen? Was hij gehecht aan z'n mooie huis? Was geld voor hem belangrijker dan godsdienst? Was hij randkerkelijk geworden, of zo? Ja, zo'n oppervlakkig oordeel heb je gauw gevormd.
Maar dan valt op, dat het eerste wat Nehemia vraagt als z'n broer Chanani uit Juda op bezoek komt, is hoe het er met de mensen in Juda en met de stad Jeruzalem voorstaat. Blijkbaar laat zijn land en volk hem dus niet koud! Bezorgd vraagt hij hoe het er mee staat. En waar hij al bang voor was: het is er vreselijk. Het is er nog erger dan hij dacht. Het rapport uit Jeruzalem is superslecht: de teruggekeerden verkeren er in grote rampspoed en smaad, de muur van de stad is afgebroken en de poorten zijn verbrand. Een grote blamage voor het joodse volk! En dat niet alleen, Nehemia voelt dat ook de Naam van de Here hier schade leidt. Want was Jeruzalem niet de plaats die de Here zich als een woning had gekozen? Was Jeruzalem niet het godsdienstig centrum van het land? Nehemia heeft zoveel hart voor zijn God, zijn land en volk, dat hij totaal kapot is van wat hij hoort. Dit is heel erg! Hij zet zich neer, weent en bedrijft rouw, dagenlang. Het heeft hem diep geraakt.
Nehemia mag dan in overheidsdienst zijn van de vijand, hij mag dan nog steeds in luxe en welvaart leven, hij is nu helemaal van de kaart. En dat wijst erop, dat zijn hart nog steeds gericht is op dienst aan de Here. En als je kind van de Here bent, dan kun je toch niet onverschillig voorbij lopen aan de smaad op de Naam van de Here? Dan laat alles wat er met de andere kinderen van Hem gebeurt je toch niet onberoerd? Als één lid lijdt, lijden alle leden mee, toch…?

Nehemia is verslagen, maar weet ook waar hij in z'n verdriet heen moet: naar de Here. Hij vast en bidt voor het aangezicht van de God des hemels. Weet u wat vasten is? Het is niet dat je alleen maar brood eet en water drinkt. Het is ook dat je het met en bij de Here zijn, dat je het gebed voorrang geeft boven andere zaken. Met vasten laat je zien dat je erg onder de indruk bent van een bepaalde gebeurtenis en onderstreep je je gebed daarover en daarvoor. Nehemia gaat vasten en bidden. Een concrete gebeurtenis is daar de aanleiding voor: het slechte nieuws uit Juda. Op de een of andere manier voelt Nehemia dat hier misschien een taak voor hem is weggelegd. Moet hij naar Jeruzalem gaan om de herbouw te organiseren? Is hij daarom schenker gebleven van de koning, hier op het hoofdkwartier van de vijand? Heeft de Here hem net zo'n taak toegedacht als eens aan koningin Ester? Moet hij nu ook opkomen voor zijn volk? Nehemia is verstandig genoeg om te begrijpen dat er menselijkerwijs gesproken maar één is die verandering kan brengen in de situatie van Jeruzalem, en dat is zijn baas, koning Artachsasta. Om daar helderheid over te krijgen, gaat Nehemia bidden. Er is een concrete aanleiding. En hij heeft een concrete vraag. Nehemia stroopt niet z'n mouwen op en gaat aan het werk. Hij denkt niet dat hij het zelf wel kan. Hij baant niet z'n eigen weg en stippelt niet z'n eigen plannetjes uit. Nee, Nehemia begint met bidden. Hij betrekt de Here erbij. Hij bidt om duidelijkheid. Om antwoord. Hij wil weten of de Here achter zijn plannen staat. Hier laat hij zien dat bidden fundamenteel is. Daar begint het mee. Kinderen van de Here vragen: 'Here, wat wilt U dat ik doe? Wilt U duidelijk maken wat U wilt in en met mijn leven? Welke kant we op moeten met ons werk? Wat het beste voor ons is? Of we het inderdaad kunnen behappen om een groter huis te kopen? Of we geld over hebben voor een nieuwe fiets of computer?' Zulke dingen aan de Here vragen is niet raar en oneerbiedig, maar juist goed - je laat er mee zien dat je weet dat alles wat je hebt en krijgt uiteindelijk van God komt.

Nehemia leert je dat bidden fundamenteel is.

3. Hoe hij bidt

In de inleiding hadden we het erover dat je gedachteloos kunt bidden. Dat je wel allemaal woorden uitspreekt, maar dat je amper beseft wat je zegt of vraagt. Hoe kun je dat voorkomen? Allereerst door concreet te bidden. Te bidden voor de dingen die je overdag hebt meegemaakt of waar je mee zit. Maar je kunt ook leren hoe je moet bidden. Hoe je een gebed kunt opbouwen. Waar een gebed uit moet bestaan. Want bidden is niet alleen een 'verlanglijstje' opzeggen.
Als je naar het gebed van Nehemia kijkt, zie je dat het is opgebouwd in verschillende stappen.
Stap 1 is de erkenning van de grootheid van God (vers 5). Dat is het uitgangspunt. Als je Gods macht en majesteit erkend, zit je op de juiste golflengte: heb je eerbied en ontzag. Besef je dat je spreekt tegen de machtige en heilige God. Dat je spreekt tegen God, en niet tegen een mens. Dat heeft ook invloed op de toonhoogte. Het doet je niet hoog van de toren blazen, maar nederig en afhankelijk zijn.
Stap 2 is dat die nederigheid en afhankelijkheid wordt onderstreept door de belijdenis van schuld en zonde (vers 6 en 7). En net als Daniël deed (Daniël 9), zegt Nehemia ook niet: vergeef hun schuld, scheldt kwijt wat zij hebben misdaan, maar stelt hij zich naast hen op: de zonden die wij tegen U bedreven hebben. Hij rekent zichzelf onder de zondaars en doet ook heel concreet schuldbelijdenis van de zonde van zichzelf en zijn eigen familie. En als we dat doen, eerlijk en oprecht onze schuld aan de Here belijden, dan mogen wij, als nieuwtestamentische christenen weten: "Hij (onze God) is getrouw en rechtvaardig, om ons de zonden te vergeven en ons te reinigen van alle ongerechtigheid." (1 Johannes 1: 9)
Stap 3 is de herinnering aan de beloften van de Here (vers 8-10). De Here belooft verstrooiing wanneer er ontrouw is, maar Hij belooft herstel wanneer er bekering is en wanneer het volk weer gehoorzaam naar zijn wet luistert. Je mag God herinneren aan zijn belofte. Vergeet God die dan? Nee, je kunt in heel de Bijbel geen plek aanwijzen waar God niet doet wat Hij belooft. Maar waarom moet je Hem dan aan zijn beloften herinneren? Omdat Hij graag ziet dat jij die beloften kent en erin gelooft. Dat je gelooft dat waar is wat Hij zegt. Het is belangrijk dat je laat zien: ik geloof niet in mezelf, maar in U. Ik herinner U niet aan de zogenaamde goede dingen die ik zelf doe, maar ik pleit op de geweldige dingen die U hebt gedaan. Dit is in de nieuwtestamentische tijd nog heerlijker geworden: je mag herinneren aan het zoenoffer van Christus, dat Hij voor jouw zonden betaald heeft. Christus pleit zelf in de hemel voor je!
Stap 4 is ten slotte dat Nehemia in zijn gebed duidelijk aangeeft waar hij mee zit en wat hij wil (vers 11). Hij vraagt bevestiging van de gedachte die bij hem is opgekomen, van het plan dat hij heeft gemaakt: laat uw knecht heden slagen en hem erbarming vinden bij deze man. Met 'deze man' wordt de koning bedoeld. Nehemia had iets in z'n hoofd zitten, en nu wilde hij van God een teken dat hij daarmee goed zat. En het liefst nog vandaag (heden).
Deze vier stappen vormen een goed basis voor je gebed. Als je deze vier in gedachten houdt bij je bidden, zal je dat helpen om niet gedachteloos te bidden.

Is het gebed van Nehemia verhoord? We hebben expres ook een deel van hoofdstuk 2 er bij gelezen, om te laten zien dat het antwoord 'ja' is: God heeft het gebed van Nehemia verhoord, want 'het gebed van de rechtvaardige vermag veel omdat er kracht aan verleend wordt' (Jakobus 5: 16).
Is het gebed van Nehemia snel verhoord? Dan moeten we even naar de data kijken: Nehemia kreeg het rampbericht in de maand kislew, zeg maar november / december. In de maand nisan, dat is maart / april krijgt hij een teken van de Here. Daar zit dus bijna drie maand tussen! Nehemia heeft zijn gebed om 'heden' te slagen dus zo'n honderd keer moeten bidden! Is dat makkelijk? Nee, daar heb je volharding voor nodig. Aanhoudend gebed. Je mag geloven dat de Here je oprecht gebed hoort en ook verhoord, maar niet op jouw tijd, maar op zijn tijd. Dat blijkt hier wel heel duidelijk. Soms lijkt het of God geen oren heeft, alsof je tegen een muur zit te bidden, alsof je nooit antwoord krijgt. Blijf dan toch bidden. Hij verhoort het als het tijd is!
Hoe is het gebed van Nehemia verhoord? Kreeg Hij een stemmetje te horen? Kreeg hij een ingeving van de Geest? Nee, het gebeurde zomaar: onverwacht deed zich een gelegenheid voor, bood de Here Nehemia de kans om concreet antwoord te krijgen op zijn vragen. Dat vraagt natuurlijk wel dat je daar ook op gespitst bent. Dat je een antenne hebt voor zulke signalen. Dat je bewust leeft, dat je gelooft dat er wonderen kunnen gebeuren, dat je wilt zien dat er antwoord komt. En als je dan denkt dat dat altijd heel bijzonder en buitengewoon gaat, dan heb je het mis. Bij Nehemia was dat ook niet zo: het gebeurde plotseling, gewoon tijdens z'n werk. Zo kan je ook nu zomaar duidelijk worden wat de Here met je leven voor heeft. Als je bidt om werk, en er doet zich 'zomaar' een gelegenheid voor. Is dat dan gebedsverhoring of niet? Als je er aan twijfelt of je wel een groter huis kunt kopen, dan kan het 'maar zo' zijn dat er iets gebeurt waardoor dat duidelijk wordt. Gebedsverhoring? Als je twijfelt of je van baan moet veranderen, kun je 'plotseling' een signaal krijgen dat dat inderdaad goed voor je zou zijn. Gebedsverhoring? Ja, het is alleen gebedsverhoring, als je er ook daadwerkelijk om gebeden hebt. Als je de Here bij je plannen maken en overwegingen betrekt. Als je laat blijken dat je gelooft dat Hij je leven leidt. Als je gaat bidden voor concrete dingen, verandert je kijk op het leven en wat er gebeurt. Of, zoals iemand eens zei: "Het is verbazingwekkend wat er allemaal toevallig gebeurt, wanneer men begint te bidden."

Je gebed hoeft geen volmaakt gebed te zijn. Maar laat het wel een concreet gebed zijn: laat het gaan over de dingen van je leven, de vragen waar je mee zit, de zaken waar je tegenaan loopt. En leer ook van Nehemia hoe je een gebed kunt opbouwen, waaruit een gebed kan bestaan. Dat allebei, dus zowel het betrekken van concrete alledaagse dingen in je gebed als een goede opbouw, kan er voor zorgen dat je niet meer gedachteloos bidt.
Maar vooral: bid! En blijf bidden. Zoek de Here, terwijl Hij zich laat vinden. Roep Hem aan, terwijl Hij nabij is.

Amen.


Gebed (Dankgebed)

Almachtige God en Vader van onze Here Jezus Christus,

We loven en prijzen uw heilige Naam. U bent de God van het leven, U hebt alles geschapen, en ook ons een plekje gegeven op deze aarde, hier in Nederland, in [lees: de plaats van uw gemeente], om te wonen en te werken en kind van U te zijn.
We danken U, grote God, voor uw liefde en genade, dat uw enige Zoon, onze Here Jezus Christus, mens is geworden, heeft willen lijden en sterven en zo ons heeft willen redden. We danken U dat er door Hem toekomst is.
Vader in de hemel, we belijden U onze schuld, onze ellende. We belijden U, dat we die goedheid en barmhartigheid van U zo vaak beschamen in ons leven, door de zonde, het kwaad dat we doen.
Here God, maar dank U wel dat U zelf beloofd hebt dat U ons al onze zonden wilt vergeven als we U daar oprecht om vragen. Om uw belofte vragen wij U: Here ontferm U, Heer wees genadig, Here vergeef. U hebt beloofd voor ons te zorgen, als een Vader voor zijn kind, en daarom vragen wij U: Here bewaar ons voor zonde, bewaar ons voor ongelukken, geef ons wat we nodig hebben in ons eigen leven, wanneer er ziekte en zorg is, moeite en verdriet, geef ons ook wat we nodig hebben om de taak die we van U hebben gekregen, op een goede manier te kunnen uitoefenen. U hebt beloofd ons uw Heilige Geest te geven, en daarom bidden wij U: giet uw Geest in ons uit, zodat we kunnen leven en werken tot uw eer en tot heil van onze naaste. Maak ons dankbare kinderen van U.

Amen.

Terug naar

Terug naar Preken die Spreken
border

http://www.prekendiespreken.nl/
Heeft U vragen of opmerkingen, mail naar