Je bekeren is opstaan en naar je Vader gaan

Thema: Je bekeren is opstaan en naar je Vader gaan
Tekst: Zondag 33 H.C.
Tekstgedeelte(n): Lucas 15: 11-32
Door: Ds. H. van Veen (predikant gereformeerde kerk vrijgem. Neede)
Gehouden te: Neede op 4 juli 1999
Extra: Samenvatting

Aanwijzingen voor de Liturgie

Votum en groet
Zingen: Ps. 86: 5
(Morgendienst: Wet)
(Morgendienst: zingen: ...)
Gebed
Lezen: Lucas 15: 11-32
Ps. 119: 66
Tekst: Zondag 33 H.C.
Preek
Ps. 103: 1, 3, 5
(Middagdienst: Geloofsbelijdenis: Gez. 4)
Gebed
Collecte
Ps. 32: 3-5
Zegen

Gemeente van Christus, broeders en zusters, jongens en meisjes,

Wat is 'bekering'? We hebben daar allemaal wel zo onze gedachten over - hoe vaag misschien. We denken dan heel gauw aan slechte mensen, mensen in de goot of aan de rand, of ongelovigen die van God noch gebod weten en langs wat voor weg ook tot geloof komen. Daar passen bekeringsverhalen bij, zoals die verteld worden in gespreksprogramma's voor de tv, en zoals we ze ook in de bijbel vinden. Bijvoorbeeld in die gelijkenis van de verloren zoon. Maar stel dat ze aan u vragen: "Bent u bekeerd?" Wat zegt u dan? Als je in aanraking komt met een jongen of een meisje uit evangelische kring en je hoort een enthousiast verhaal over wanneer en hoe hij of zij is bekeerd - wat moet je daar dan mee, en sta je dan niet wat met een mond vol tanden, want wat moet jij vertellen over jezelf? Of hoeft een gedoopt gereformeerd mens niet meer bekeerd te worden: ik ben al binnen, want ik zit toch in het verbond en ben bij de kerk?

Zondag 33 (van de Heidelbergse Catechismus) zegt juist daarover het een en ander: over wat bekering is voor ieder mens. En dan staat in Antwoord 89 niet dat 'zij' verdriet moeten hebben over wat ze God door hun zonden hebben aangedaan, en dat 'zij' die zonden moeten haten en ontvluchten, maar er staat twee keer 'wij'. Ik heb bekering nodig, en u ook, en jij net zo goed. En dat elke keer weer.

Wat is echte bekering? Ik kan het niet beter zeggen dan met wat die verloren zoon uit dat verhaal van Jezus zei, toen hij tot andere gedachten kwam en zijn bestaan radicaal veranderde: "Ik zal opstaan en naar mijn vader gaan". Reken maar dat er dan wat met je gebeurt. Dat er heel wat door die jongen is heengegaan voor het zover kwam, en onderweg naar zijn vader, en toen zijn vader -ondanks alles- hem in zijn armen sloot en er zelfs een groot feest van maakte.
En geloof maar dat die jongen voortaan niets liever wilde dan het zijn vader naar de zin maken.

Het thema boven deze preek is zo:

Je bekeren is opstaan en naar Vader gaan

Drie vragen daarbij:

  1. waarom zou je eigenlijk?
  2. wat gebeurt er dan met je?
  3. hoe kom je ooit zover?

1. Je bekeren is opstaan en naar Vader gaan: maar waarom zou je eigenlijk?

Het leek hem het einde: weg van huis, op eigen benen staan, doen wat hij zelf wilde. Tenslotte was hij geen kind meer. Het leek hem niks altijd op de boerderij blijven waar vader voorlopig de baas zou blijven en -als hij er niet meer was- zijn oudere broer de leiding kreeg. Nou, en het was geweldig - in het begin. Geld als water. Vrienden bij de vleet. Groot feest. Maar voor hij het wist, kwam het einde. Geld op. Vrienden die geen vrienden bleken te zijn. Geen werk. Geen huis. Geen eten. Hij belandde letterlijk in de goot: bij de varkens in de drek.
Nou, dat is ver van ons bed natuurlijk. Daar herkennen wij onszelf totaal niet in. We denken eerder aan ontspoorde jongeren, aan drugsverslaafden of aan lager wal geraakte zwervers… en we zijn onder de indruk als zo iemand tot bekering komt en vertelt hoe Jezus hem veranderd heeft. Daar mag je ook van onder de indruk komen. Gods wonderen zijn de wereld niet uit.
Maar toch moeten we maar goed kijken in de spiegel waar God ons in de bijbel voor zet. En als we dan goed kijken, dan schrikken we: hé, is dat niet die verloren zoon met z'n vuile kleren, ver van huis, bij de puinhopen van zijn leven? Zijn we niet allemaal verloren zonen en dochters? Denk maar aan hoe het al in het begin fout ging: hoe Adam en Eva wegliepen van huis, weg bij Vader, om hun eigen gang te gaan. En hoe vaak dwalen wij niet zomaar weg van God, doen we precies wat niet goed voor ons is; denken we dat we wel op eigen benen kunnen staan. En denk eens aan die oudste zoon. Die nota bene onder één dak met zijn vader mijlenver van huis was geraakt. Ook in de kerk kun je ver van huis zijn, heb je bekering nodig: bekering van je prestatiegerichtheid, je geldingsdrang, je schijnvroomheid, je jaloersheid, je kleingeloof.

Bekering is opstaan en naar Vader teruggaan. Maar waarom zou je die stap zetten? Neem die jongen daar bij de varkens. Was de weg terug naar zijn vader echt het enige dat nog over was?
Hij had ook kunnen denken: ik ben er beroerd aan toe, maar het wordt vast wel beter. Straks is de economische crisis voorbij; dan zoek ik eerst wel een uitzendbaantje en dan ga ik in de avonduren een cursus volgen, en dan kom ik stapje bij beetje wel hogerop. Maar teruggaan naar huis, met hangende pootjes, nee dat nooit. Ze zullen me zien aankomen! Ik ga zo af!

Maar dit verhaal loopt heel anders, en dat maakt duidelijker dan wat ook dat bekering waar het de Here God om gaat, niet een soort bekering tot de deugd is. Dat een crimineel een brave burger wordt. Dat de wilde haren er vanzelf af gaan, en de meeste jongeren die misschien wel een onaangepast en ruig leven hebben geleefd, tien of twintig jaar later nette heren geworden zijn in driedelig pak en met een dure auto voor hun nog veel duurdere huis. En bekering is ook maar niet een verstandig besluit, omdat je ziet dat het leven dat je tot nu toe hebt geleid, op niks uitloopt, zodat het verstandig is, eindelijk eens serieus je best te gaan doen en je aan te passen.

Er staat dat die weggelopen zoon bij de puinhopen van zijn leven 'tot zichzelf komt'. Nu ziet hij wat voor iemand hij is. Hij ziet dat pas goed als hij denkt aan vroeger, en vooral aan vader.
En het schiet door hem heen en het laat hem niet meer los: wat ben ik eigenlijk een ondankbare hond. Wat had hij het goed bij vader. Zelfs de uitzendkrachten die af en toe op de boerderij werken als het daar topdrukte is, hebben het nog beter dan hij hier. Wat deed hij hier nog…? Hij wilde eigenlijk maar één ding: naar huis, naar vader. Zelfs als vader hem niet meer als zijn zoon wilde accepteren - en dat had hij verdiend ook - dan nog: liever een van de knechten van vader dan ver van huis omkomen van honger en heimwee. Als hij eerst maar weer bij vader thuis is…!

Waarom wilde hij dat zo graag? Had hij het ervoor over thuis te moeten komen als de mislukte avonturier, met een lege portemonnee, en een lege maag, en verhalen om je voor te schamen?
Wel, omdat hij zijn vader pas nu leerde zien als iemand die vreselijk veel van hem hield. Hij schrok ervan: dat ik mijn vader heb aangedaan, dat ik hem zo op het hart heb getrapt, en alles hem verprutst en verspeeld wat ik had als kind van mijn vader. Nu pas voelde hij wat hij had gemist. Hij had het aan den lijve ervaren dat het leven niks waard is zo ver weg van vader.
Je bekeren, dat is de stap wagen: opstaan en naar Vader terug gaan. Erkennen dat je helemaal op de verkeerde weg zat. Je trotse hoofd buigen en erkennen dat je niet op eigen benen kunt staan. Dat je het niet redt zonder je Vader in de hemel. En Hem weer in de armen vallen. Want we mogen weten, hoe ver we ook van huis zijn geraakt: Vader wacht me op met uitgestoken armen. Al ben ik het niet weer waard zijn kind te zijn, Hij heeft me weer als kind aangenomen en belooft me zelfs de complete erfenis. Nou, waarom zou ik dan doorgaan op m'n eigen weg?
Waarom ga ik niet naar Vader, die zoveel van me houdt dat Hij zijn Zoon Jezus eraan waagde?
"Kom toch bij Me terug", zegt Vader tegen me, "Ik sta elke dag op de uitkijk. Welkom thuis!"
En hoe vaak ik ook wegdwaal, ik mag terugkomen. De deur is dag en nacht voor me open!

2. Je bekeren en opstaan en naar Vader gaan: wat gebeurt en dan met je?

Geloof maar dat er heel wat is gebeurd met die zoon voor hij de stap zette. Want wie wil er nou aan, dat hij totaal mislukt is. Dat betekent toch een enorm gezichtsverlies. Je wordt echt door elkaar geschud. Er breekt iets diep in een mens: hoogmoed gaat eraan, net als dat je het er toch best aardig afbrengt en dat je toch alles in huis hebt om te slagen in het leven -als je het maar handig aanpakt en zorgt dat je de goede contacten hebt en genoeg geld achter de hand-… Maar het is toch om je weg te schamen als je moet toegeven dat je failliet bent en alleen maar een heleboel schulden hebt overgehouden van je mislukte pogingen het te maken in het leven?
En om dan zo berooid, als een verlopen zwerver en een armoedige bedelaar, thuis aan te kloppen… dan moet er eerst een heleboel kapot in jezelf en moet je echt op de knieën. Dat gaat niet zonder emotie. Dan komen de tranen. Dan is dat keihard vechten met en tegen jezelf…

Echte bekering kan niet zonder. Juist daar legt Zondag 33 (van de Heidelbergse Catechismus) de vinger bij: oprechte droefheid… Nee, niet dat het zo verkeerd met me is afgelopen, dat ik er nou zo gekleurd op sta en dat ik m'n zelfrespect kwijt ben… Nee, echt ondersteboven van wat dit voor Vader in de hemel moet zijn: zoveel ondankbaarheid, zoveel onbeantwoorde liefde, zoveel ongehoorzaamheid - en moet je nu eens kijken: dat kind van mij, zo'n mislukt leven, overal maken die mensen er een puinhoop van, en elke keer weer doen ze precies wat Mij verdriet doe en slecht voor ze is.

Kijk, en als je daar iets van gaat zien, dan raakt dat je en dan heb je daar samen met Vader verdriet van. Juist omdat je bent gaan ervaren hoeveel die Vader in de hemel voor je over heeft. Je gaat je schamen voor je ondankbaarheid en je gebrek aan liefde, voor wat je er steeds weer uitgooit aan vervelende woorden en nare grappen en kwetsende opmerkingen. Je baalt van die slechte gedachten die zich zomaar weer aan je opdringen en die je maar niet kwijt kunt raken. Je kunt erover tobben: wat zal God van me vinden, ben ik wel de moeite waard voor de Here? Je hebt het er moeilijk mee als het weer zo fout is gegaan, en ik ben zó m'n best gedaan!

Wat zal die jongen uit het verhaal het moeilijk hebben gehad: wat zal vader zeggen? Mag ik na alles wat is gebeurd wel weer thuis komen? Met lood in de schoenen ga dan je op huis aan. Maar ik denk dat de tranen pas goed zijn losgekomen toen de vader zijn armen om zijn zoon heensloeg en zelf zijn tranen de vrije loop liet. En dan moet u er goed op letten dat de vader niet tegen de jongen zegt: je bent te vies om aan te pakken, ga alsjeblief eerst in bad en trek schone kleren aan, dan wil ik je misschien wel weer welkom heten en je een kus geven…
Nee: de jongen is welkom zoals hij is, zijn vader slaat zijn armen om hem heen zo verlopen en vies als hij is: welkom thuis, wat fijn dat je er weer bent. In die Vader mogen we God herkennen, God die in Jezus zoekt wie verloren zijn, en die goddelozen vrijspreekt en zondaars aanneemt.

Die jongen zal hebben gehuild in de armen van zijn vader, gehuild van verdriet en berouw en van blijdschap tegelijk. Zoals het als je als zondaar de weg terug gaat naar Vader en je voelt hoe Vader zijn armen om je heenslaat en je je zonden vergeeft en weer met je verder wil, je toch diep zal raken: waar heb ik het aan verdiend dat ik een Vader heb die van mij houdt.
Dan gaat het samen op: verdriet over wat we door onze zonden die Vader nog elke dag aandoen, en tegelijk een diep gevoel van blijdschap en dankbaarheid: en toch mag ik er zijn bij God, want Hij stuurde zijn Zoon ook om mij te zoeken, ik mag toch weer thuis komen… Als het goed is -echte bekering- dan is dat niet een waarheid uit een boekje, maar de ervaring van ons leven. Dan gebeurt er wat diep in een mens. Je wordt er tot in je wortels anders van…

En dat zal ook te merken zijn. Die thuisgekomen zoon mag komen zoals hij is -als een vieze bedelaar- maar zijn vader laat hem niet zoals hij is. Natuurlijk niet! De oude plunje gaat uit en in de voddenbaal. De jongen krijgt van zijn vader schone kleren en een ring aan zijn vinger en schoenen aan zijn voeten. Iedereen kan zien: daar heb je de zoon weer, en de erfgenaam. Bekering is opstaan en naar Vader gaan. De bijbel zegt ook: opstaan tot een nieuw leven. Je krijgt van je Vader nieuwe kleren, gewassen in het bloed van de Here Jezus. Reken maar dat die verloren zoon, toen hij weer thuis was, er alles aan heeft gedaan om het zijn vader naar de zin te maken! Hij mocht weer zoon zijn, hij was niet te beroerd hard aan de slag te gaan in het bedrijf van vader. Niet -zoals die oudste- verplicht en om te verdienen - maar uit liefde! Het werd echt feest thuis. Dat feest gunt God ons allemaal. Het feest van een nieuw leven: God komt aan zijn eer en wij mensen komen tot onszelf: weer mensen zoals we zijn bedoeld.

Nee, niet dat dat van de ene dag op de andere zo gaat. De catechismus gebruikt beelden uit de natuur om dat duidelijk te maken: het proces van afsterven van het slechte in ons, en van opstaan -steeds meer en steeds herkenbaarder- van het nieuwe leven. Dat gaat ons hele leven door en het gaat met heel veel vallen en gelukkig -dankzij Gods hulp- ook weer opstaan.
Ja, er gebeurt heel wat met een mens - geloof dat maar. En wie dat gelooft, merkt het ook!

3. Je bekeren is opstaan en naar Vader gaan: maar hoe kom je ooit zover?

Nou, in elk geval komt een mens niet zover dat hij omkeert en God weer opzoekt, als dat van die mens zelf moet komen. Daar zijn mensen veel te eigenwijs en veel te trots… en veel te dom voor. Denk maar aan hoe het begon: hoe Eva eerst en Adam daarna erin trapten toen de duivel hen influisterde dat je zonder God pas echt gelukkig en pas echt mens zou worden. Vanaf dat kwade moment trappen we er elke keer weer in: als je los van God leeft, op eigen benen staat en zelf je leven invult, dan ben je pas werkelijk vrij en volwassen. Geloven dat is voor kinderen, daar groei je wel bovenuit als je groot bent en verder gekeken hebt dan eigen gezin en kerk…

Van die zoon uit het verhaal lezen we dat hij op een goed moment 'tot zichzelf komt'. Maar daar zit van verre afstand al die vader achter. Als de jongen weer aan zijn vader denkt, ja, dan gaat hij met andere ogen naar zichzelf kijken. Krijgt hij spijt als haren op zijn hoofd. Verlangt hij terug naar vader, en neemt hij de moeilijke stap op te staan en de weg terug in te slaan.
Gemeente, een mens die opstaat en weer de weg terug naar God gaat, dat is een wonder. Er is geen mens meer die serieus op zoek is naar God, staat in een van de psalmen. En we horen mensen die ver van het Vaderhuis zijn geraakt, bidden: bekeer mij, dan zal ik mij bekeren. Met andere woorden: het is alleen God zelf die de ommekeer kan bewerken. God stuurde daarvoor zijn Zoon naar de aarde, die dit het doel van zijn komen noemde: om wat verloren is, te zoeken en te redden. Die daarvoor zelfs de dood inging, om de zonde in zijn graf mee te nemen, en ons mee te nemen het nieuwe leven binnen. Die de Heilige Geest gaf om van binnenuit ons om te turnen zodat ons denken en ons voelen, onze voorkeur en onze afkeuring, afgestemd raken op de smaak van Vader. Zodat we al meer weer op Vader gaan lijken, en we weer thuis raken in het klimaat van de hemel. En een afkeer krijgen van het bedorven klimaat dat de zonde verspreidt in ons eigen leven en de wereld waarin die zonde wroet en doorwerkt en verwoest.

Ja, en als de Heilige Geest onze gevoelens zo grondig verandert en ons een antenne geeft die zich richt op God, dan gaan we ook ons leven daarnaar richten. Dan gaan we niet alleen aanvoelen wat goed is en slecht, maar worden we zelf gewillig en actief om -Zondag 33- tegen dat slechte te vechten en het weg te duwen uit ons leven en om wat God aan goeds werkt op te pakken en te stimuleren en daar verder mee aan de slag te gaan. Dat is wat de bijbel het uitdoen van de oude mens en het aandoen van de nieuwe mens noemt. Je wilt niets liever meer.

Zoals die verloren zoon de daad bij het woord voegde en metterdaad opstond en de reis terug aanvaardde. Dat is bekering. Zoals de Dordtse Leerregels zeggen over de bekeerde mens: "door God in beweging gebracht, werkt hij ook zelf. Daarom wordt terecht gezegd dat de mens zelf gelooft en zich bekeert door de genade, die hij ontvangen heeft". Laten we opstaan en naar Vader gaan. En blij zijn over elke zondaar die zich bekeert, mezelf voorop. Heer, breng me thuis!

Amen.

Terug naar

Terug naar Preken die Spreken
border

http://www.prekendiespreken.nl/
Heeft U vragen of opmerkingen, mail naar