De wet van onze God is mooi

Thema: De wet van onze God is mooi
Tekst: Zondag 34
Tekstgedeelte(n): Exodus 19: 1-9;
Psalm 105: 23-45
Zondag 34 H.C.
Door: Ds. Jt. Janssen (predikant gereformeerde kerk vrijgem. Leeuwarden)
Gehouden te: Groningen-Zuid op 7 november 1999

Aanwijzingen voor de Liturgie

  1. Ps. 117
  2. (Ochtenddienst: Wet)
  3. (Ochtenddienst: Ps. 99: 6, 8)
  4. Lezen: Exodus 19: 1-9; Psalm 105: 23-45
  5. Ps. 147: 7
  6. Tekst: Zondag 34 H.C.
  7. Preek
  8. Lied 106: 1-4
  9. (Middagdienst: Geloofsbelijdenis (Gez. 4 of gesproken))
  10. (Middagdienst: Ps. 106: 21-22 (na gesproken geloofsbelijdenis))
  11. Ps. 111: 4-6

Gemeente van Christus,

Het viel u vast mee toen u het las in de krant: de overgrote meerderheid van de Nederlanders kent de tien geboden. De NCRV hield indertijd een enquête en daaruit kwam dit resultaat naar voren: 96 procent kent het begrip tien geboden, 63 procent kan zelfs vertellen wat het inhoudt.
Hetzelfde onderzoek wees uit dat de meeste waardering bestaat voor 'gij zult niet doodslaan'. En dat het eerste gebod 'gij zult er geen andere goden op nahouden' veel minder gewaardeerd wordt. De mensen mochten kiezen welk gebod wel gemist zou kunnen worden. En het vaakst werd dit gebod genoemd. Dat eerste gebod kan er wel uit, vinden veel mensen.
Het was maar een kort bericht in de krant. Je kunt er verder niet veel uit opmaken. Wie en hoeveel mensen zijn geënquêteerd? Hoe was precies de vraagstelling? Maar aan de andere kant herken je toch iets en word je bevestigd in je beeld van onze samenleving. We hebben best weer een zekere waardering voor waarden en normen. Er zijn nu al zoveel mensen doodgeschopt of -geschoten. Bijna iedereen is al wel één of meer fietsen kwijtgeraakt. Velen hebben te maken gehad met bedreiging of inbraak. Na ieder zedendelict brandt de discussie over de aanpak van de zedendelinquenten los. We herinneren ons allemaal de beelden van de diverse stille tochten. Het moet maar eens afgelopen zijn! Jongeren moeten weer leren luisteren en gehoorzamen. En als hun ouders hen dat niet kunnen bijbrengen, moet je dan niet van overheidswege opvoedingscursussen gaan geven? Nederland heeft genoeg van de vrijblijvendheid. Je mag weer pleiten voor gezag en orde. Wat eerst alleen aan de borreltafel werd gezegd, wordt nu uitgesproken door hooggeleerde heren en dames.
In zo'n klimaat past ook wel een zekere waardering voor de tien geboden. Dat zijn immers duidelijke regels! Maar vergis u niet, als mensen tegelijk geneigd zijn het eerste gebod te schrappen, als ze het belang daarvan niet inzien, hebben ze alleen maar een paar nuttige regels overgehouden. Als je de HERE schrapt uit de tien geboden heb je immers het hart eruit gehaald.
Want het is niet een wet, het zijn de wijze woorden van de HERE. Daarin kom je Hem tegen van het begin tot het eind.
De wet is goed omdat de HERE goed is. De geboden zijn verstandig omdat de HERE als geen ander weet wat goed is voor mensen.

Vanuit dat uitgangspunt wil ik graag vandaag over de wet van God preken. Ik zal deze keer niet zoveel aandacht besteden aan het eerste gebod, maar meer aan de wet als geheel.

De wet van onze God is mooi

want die wet:

  1. gaat uit van Gods redding
  2. vertelt van Gods wil
  3. getuigt van Gods zegen


1. Die wet gaat uit van Gods redding

Wie de tien geboden aandachtig leest, stuit op de herhaling van de woorden "de HERE, uw God". Het staat er maar liefst vijf keer. Ik zet het op een rij:

De HERE, uw God. Eerst zijn naam: HERE -met hoofdletters geschreven- Jahwe. De God, die zich met deze naam aan Mozes bekend maakte bij de braamstruik, toen het allemaal nog moest beginnen. Toen het volk nog een slavenvolk was, in de vaste greep van de farao. Bezig met stro en stenen, met achter zich de sadisten en hun zweep. Toen kwam de HERE naar Mozes. En zei wie Hij is: 'Ik ben de HERE, Ik ben die Ik ben. Ik heb vroeger mijn beloften gegeven aan Abraham, Isaak en Jakob. En Ik kom mijn woorden na. Ik heb de ellende van m'n volk gezien. Ik zal er wat aan doen. Ik stuur jou, Mozes, om een eind te maken aan het slavenbestaan.'

Dat zit in die naam opgesloten, HERE, de God die zijn beloften met de daad vervult, die zich actief bemoeit met zijn volk. Die almachtig de farao op de knieën dwong en het leger van deze trotse koning liet verdrinken. De HERE. Jahwe.
En daaraan toegevoegd: uw God. Dat wijst nog sterker op de verhouding met zijn volk. Uw God. Het verbond is daarin onder woorden gebracht. Mijn volk bent u, zegt de HERE en Ik ben uw God. We horen bij elkaar.
Dat is weliswaar aan de HERE alleen te danken, maar het is evengoed wel zo: Ik ben de HERE, uw God. Daarin klinkt voor wie gelovig luistert het evangelie - de boodschap van de redding. Van wat de HERE gedaan heeft als vijand van Egypte en beschermer van zijn volk.
Niet voor niets gaf de HERE zijn wet bij de sluiting van het verbond. De wet, dat is Exodus 20. De sluiting van het verbond, de geschiedenis daarvan begint in Exodus 19.

De HERE wijst op zijn grote daden van de laatste tijd. U hebt gezien wat Ik de Egyptenaren heb aangedaan en dat Ik u op arendsvleugelen gedragen en tot Mij gebracht hebt.
In de inleiding van de wet komt dat terug: Ik ben de HERE, uw God, die u uit het land Egypte, uit het diensthuis geleid heb. Logisch dat direct daar achteraan komt: je mag er geen andere goden op nahouden. Dat doe je toch niet als je zo'n God hebt?!
Wat een weldaad heeft Hij bewezen. Een paar maanden geleden waren de Israëlieten nog dwangarbeiders, niet in tel. Alleen hun werkkracht vond Egypte nuttig. Het volk werd als vuil beschouwd en behandeld. Maar de HERE heeft voor uitredding gezorgd. Dat klinkt door in zijn wet, het staat voorop. En er wordt meerdere keren aan herinnerd: de HERE, uw God.
Ga er maar vanuit dat die God het goede met zijn volk voorheeft. Die wet moet je wel positief benaderen - vanwege deze God die de wet geeft. Dat kan geen slechte wet zijn, daar moet voor zijn volk veel moois inzitten.

De wet van de HERE is altijd goed voor ons, omdat het de wet van de HERE is. Voor ons, zeg ik. We leren uit het Nieuwe Testament, dat deze wet nog van kracht is. De Here Jezus zelf heeft verschillende geboden uitgelegd en ons op het hart gebonden. Ook in de brieven van Paulus blijkt dat deze geboden nog van kracht zijn voor de nieuwtestamentische kerk.
Er staan dingen in die wet die laten zien dat ze in een andere tijd gegeven is: ossen en ezels komen ter sprake. En er was nog een sabbat. Ze hadden toen dienstknechten en dienstmaagden. Maar waar het in de geboden om gaat, dat is voor ons nog helemaal van kracht.
Een verlost volk zijn wij, verlost door de Here Jezus. Door Hem hebben wij een verbond met diezelfde God van Abraham, Isaak en Jakob. Want Hij heeft Jezus Christus als Middelaar gegeven. Bij die verlossing hoort de wet. Daar hoort bij dat de HERE zegt: 'u bent gered om helemaal van Mij te zijn en alleen van Mij (eerste gebod, het hart van de wet) en in alles mijn wil te volbrengen. Ik ben uw God en u mijn volk.'
En zo moeten wij er dan ook naar luisteren. Niet als regels van God, die nu eenmaal de baas wil zijn. Maar als regels van onze God, die zelfs in de wet benadrukt dat Hij ons gered heeft. En ons graag wil laten leven.

We komen bij het tweede punt: de wet van onze God is mooi; want

2. Die wet vertelt van Gods wil

Wij spreken met een gerust hart van de tien geboden. Daar hebben sommigen wel eens bezwaar tegen gemaakt. Omdat het zo zakelijk klinkt: geboden, regels. Je gaat dan ook al te gemakkelijk de nadruk leggen op het onderhouden van de regels, op uiterlijke gehoorzaamheid, vrezen zij die bezwaar hebben tegen 'geboden'. En daar gaat het toch niet om?!
Men zei wel eens: noem de wet liever de tien woorden. Zo heten ze in de Bijbel ook. Inderdaad, zo heten ze in de Bijbel ook.

Maar desondanks zijn het gewoon geboden en verboden: Gij zult... en Gij zult niet. 'U moet' en 'u mag niet'. Gij zult geen andere goden hebben. Gij zult geen gesneden beeld maken. Gedenk de sabbatdag, gij zult niet doodslaan. Bevelen zijn het, algemeen geldige bevelen.
De HERE laat geen uitwijkmogelijkheid. Hij geeft ons niet in overweging iets te doen. Hij beveelt en wil gehoorzaamheid. Concrete gehoorzaamheid.
Mensen menen soms de wil van God te doen, terwijl ze zijn uitdrukkelijke bevelen niet gehoorzamen. God wil liefde, benadrukken zulke mensen altijd. Op zichzelf is dat waar. God liefhebben boven alles en de naaste als jezelf. Daar draait het om in de wet. Maar vervolgens kun je daarmee een heel verkeerde kant uit gaan.
Je mag zo'n samenvatting van de wet nooit gebruiken om dan niet meer gehoorzaam te hoeven zijn aan het precieze gebod. De HERE vindt niet alles goed als het maar uit liefde gebeurt, de HERE wil dat wij, uit liefde voor Hem en de naaste, doen wat Hij zegt.
De concrete geboden over bijvoorbeeld omgaan met het leven -ik denk aan abortus en euthanasie- of de concrete geboden over seksualiteit, mogen niet in de mist verdwijnen door ons beroep op de grote regel van de liefde. Het is belangrijk dat wij daarvoor onze ogen open hebben. Want het kan zeer verleidelijk zijn om op die manier toe te geven aan wat je graag wilt en jezelf wijs te maken dat het kan in de ogen van God.
Want inderdaad, de HERE vraagt liefde, maar dáárom kun je niet onder zijn concrete geboden uit. Daarom wil Hij stipte gehoorzaamheid aan wat Hij gezegd heeft. Hij legde een claim op het leven van Israël. Ik ben de HERE, uw God. Dat gaat uit van zijn redding, maar het zegt tegelijk dat nu de HERE moet worden gediend.

Nu dan -zo lazen we in Exodus 19- nu dan, indien gij aandachtig naar Mij luistert en mijn verbond bewaart, dan zult gij uit alle volken Mij ten eigendom zijn. En de HERE wil een toezegging: alles wat de HERE gesproken heeft zullen wij doen.
Zo staat het ook in Psalm 105. Dat lied beschrijft de geschiedenis vanaf Abraham tot en met de intocht in Kanaän. Waarvoor deed de HERE dit nu allemaal? Dat zegt het slot van de psalm: Opdat zij zijn inzettingen zouden onderhouden en zijn wetten bewaren.
Dat hoort bij het verbond, dat je de HERE wilt gehoorzamen. Zijn wil is wet. Je mag niet over God en het verbond spreken zonder dat je leven een leven van gehoorzaamheid is. De wet van God is mooi, omdat zij vertelt van Gods wil.
Gaat je vrijheid er dan niet aan? Als je moet luisteren? Want dat is één van de dingen die achter het moderne christelijke denken zit: we hebben de vrijheid ontdekt en willen die niet meer kwijt.
Als je God de HERE moet gehoorzamen raak je de vrijheid waaraan je dood gaat kwijt. Die gevaarlijke vrijheid, waarbij slachtoffers vallen. Gods wet is als een hek langs een gevaarlijke weg in de bergen. Het hek belemmert je vrijheid als je het zo wilt noemen. Je kunt niet verder naar rechts. Maar wie meer vrijheid wil, wegen zonder hekken, die gaat op een slecht moment over de rand.

Gehoorzaamheid en vrijheid, de Bijbel ziet dat als hetzelfde. Wie de HERE gehoorzaamt is werkelijk vrij en kan leven. De wil van God legt het leven niet lam, maakt van ons leven geen slavenbestaan, maar laat ons blijven wat we zijn: vrije kinderen van God, die ons redde.

Het derde nu nog: De wet van onze God is mooi; want

3. Die wet getuigt van Gods zegen

Het leven gaat kapot wanneer mensen de wil van de HERE niet meer kennen of naast zich neerleggen. Je kunt dat navragen en zien in onze samenleving. Je kunt het bij wijze van spreken gaan vragen aan de heroïnehoertjes in de tippelzone of bij de mensen in de opvangcentra voor de verslaafden. Ze kunnen je vertellen van de ellende vroeger thuis. Van mishandeling, lichamelijk -en wat soms nog erger was- geestelijk. De verhalen van huizen die vol stonden en waar het toch zo vreselijk leeg was. Je kunt het merken aan je collega's, die niet meer weten wat ze hun kinderen wel en niet moeten meegeven en wat ze moeten verbieden en waarom. Je kunt het constateren bij mensen die zich best gelukkig voelen, die zonder enige moeite leven, maar zonder God, zonder geloof. Want ook hun leven is vaak zo kapot omdat het zo leeg is en geen perspectief kent. Je zult toch niet eens zeker weten waarvoor je eigenlijk leeft!

Onze samenleving laat zien dat het leven zonder God kapot is, de vroegere maatschappij liet het ook zien. Ik wil het niet zo voorstellen alsof het vroeger beter was. Wie de armoede van toen bij de arbeiders zich indenkt, wie leest hoe de leidinggevende klasse ook in eerdere eeuwen vaak een luxe leven had. Het woord 'corruptie' was mogelijk nog niet uitgevonden, maar corruptie was er alom. Hoge heren die elkaar de bal toespeelden, onrechtvaardige verhoudingen tot in de kerk toe waar de kleine man of vrouw vaak evenmin niet in tel was.
Het is van alle tijden: Gods wet vergeten betekent dat het leven kapot gaat. En dat er slachtoffers vallen.
Je ziet het al in Israël. Als het volk van de HERE zijn wet verwaarloost, moeten de profeten klagen over onrecht, over uitbuiting, over seksuele misstanden, over leugen en corruptie. Dan is een mens z'n leven niet zeker, dan gebeuren er ongelukken. Het blijkt niet te kunnen, dat wij de wil van de HERE veronachtzamen. Dan stort de boel in.
Gezegend zij die in Gods wegen gaan. De HERE houdt met zijn wet het leven gezond. Hij bewaart ons ervoor dat we in het ravijn storten, dat we onszelf en onze medemens de vernieling in jagen.
Ook daarom is de wet van onze goede God mooi. Wie gehoorzaamt wordt gezegend. Dat zegt de wet zelf ook:

"De HERE zal barmhartigheid doen aan duizenden van hen die Hem liefhebben en zijn geboden onderhouden."
"Eer uw vader en moeder, opdat uw dagen verlengd worden in het land dat de HERE, uw God, u geven zal."

Gehoorzaamheid brengt zegen. Gehoorzaamheid laat het leven opbloeien. Om ons heen gaat het mensenleven kapot, wie met God leeft mag zijn zegen verwachten.
Wat is er -bij wie dit alles bedenkt- veel behoefte aan christelijke hulpverlening. In ieder geval behoefte aan de warmte en de zorg die daarachter zitten. Dat je in de christelijke gemeente er wilt zijn voor je naaste. Dat je hart open staat. Dat je mensen die kwetsbaar zijn gemaakt of zijn geworden wilt opvangen in een sfeer van ook praktisch christen zijn. Van niet hoogdravend en meeslepend spreken over de waarde van het dienen van de HERE, maar er ook zelf naar leven.
Het is zo goed dat dergelijke organisaties bestaan en dat wij ze een warm hart toedragen. We kunnen niet allemaal opvangadres of gastgezin worden. Daar moet je ook een beetje voor in de wieg zijn gelegd. Maar erachter staan, betrokken zijn, bidden dat kan zeker. Graag willen dat de zegen van het leven naar de wil van de Here zichtbaar wordt in deze samenleving.

Het is daarom ook de moeite waard, broeders en zusters, dat wij nadenken over onze gehoorzaamheid in deze tijd. Er zijn veel nieuwe vragen, moeilijke problemen. Het is niet zo eenvoudig in deze tijd de wet van de HERE in praktijk te brengen. We hebben daarvoor het gesprek met elkaar en het gebed nodig, opdat we de wijsheid vinden.

Maar laat daarbij het uitgangspunt vooral vast staan:
We zijn het volk van de HERE. Hij is de HERE, onze God, onze God door Christus. In zijn wet klinkt het de bevrijdende woord. We zijn uit de heerschappij van de duivel verlost - en ook van de gedachte dat wij het zelf wel kunnen uitzoeken. De enige die zijn gezag over ons mag laten gelden is de HERE. En dan zal ons leven opbloeien. Dan komen wij tot ontplooiing. God, onze God, maakt ons leven niet arm en leeg, maar rijk en gezegend. Want Hij is goed en dus is zijn wet mooi.

Amen.

Terug naar

Terug naar Preken die Spreken
border

http://www.prekendiespreken.nl/
Heeft U vragen of opmerkingen, mail naar