| Thema: | De liefde tussen jongen en meisje, man en vrouw, in het licht van Gods gebod |
| Tekst: | Zondag 41 Heidelbergse Catechismus |
| Tekstgedeelte(n): | Hooglied 4: 1-5: 1 Zondag 41 Heidelbergse Catechismus |
| Door: | Ds. P. Houtman (predikant gereformeerde kerk vrijgem. Twijzel-Kollumerzwaag) |
| Gehouden te: | Twijzel-Kollumerzwaag op 31 augustus 1997; Drachten-Noord op 11 juli 1999; Schiermonnikoog op 27 februari 2000; Groningen-Zuid op 4 maart 2001; Buitenpost 18 op november 2001; Dokkum op 23 december 2001 |
Aanwijzingen voor de Liturgie
Votum en zegengroet
Ps. 144: 2, 5-6
Wet
Lied 473: 1, 5, 10
Lezen: Hooglied 4: 1-5: 1
Ps. 45: 4-5
Tekst: Zondag 41 Heidelbergse Catechismus
Preek
Ps. 128
Geloofsbelijdenis
Gez. 32: 1
Collecte
Ps. 139: 6, 8
Zegen
Broeders en zusters, jongens en meisjes,
Vroeger, (toen) wist je hoe het hoorde. Iederéén wist dat. Je ging verkering aan, je ging verloven, en, als er
woonruimte was en vast werk, dan ging je trouwen. En dan zat je aan elkaar vast. Daar werd weinig over gepraat; zo
hoorde het. Het leven was hard, economisch arm; er waren weinig mogelijkheden; je had je te schikken. Ook al paste
je niet altijd even goed bij elkaar, je mocht blij wezen als je het samen rooide.
Niet dat iedereen zich altijd even goed aan die regels hield. Geslachtsverkeer voor het huwelijk, dat was er toen
ook. In sommige streken was het 'gedwongen huwelijk' zelfs min of meer normaal; je moest toch weten of je
aanstaande vrouw wel vruchtbaar was? Maar het hóórde niet; er volgde wel een afstraffing; die moest je dan
ondergaan.
Sindsdien is er veel veranderd. Er kan veel meer. We zijn vrijer geworden. Het begint in een stadse samenleving,
maar geleidelijk aan krijgt de provincie er ook steeds meer mee te maken. De regel is nu: iedereen doet wat hij
zelf wil; anderen oordelen daar niet over. In dit geval: je doet samen wat je zelf samen wilt. Je gaat met elkaar
naar bed, als je daar allebei zin in hebt. En als je het leuk vindt, ga je samenwonen. Je neemt een kind, als je
dat allebei ziet zitten; en tot zo lang gebruik je voorbehoedmiddelen. Je kunt gaan trouwen; dat is groot feest. Je
kunt ook, als je het daar met elkaar over eens bent, uit elkaar gaan. Er zijn ook homo- en lesbische paren.
Er wordt over sommige dingen wel hoofdschuddend gepraat. Een scheiding in een koninklijk huis geeft nog veel
opschudding. Maar je raakt toch aan steeds meer gewend. De regels worden aangepast. En soms word je, als je, als
jongere, je aan zuivere normen wilt houden, door je leeftijdgenoten meewarig aangekeken; je 'hóórt'
makkelijk te denken, en te zijn, anders ben je ouderwets.
Zijn we daar nou gelukkiger mee geworden, met die grotere vrijheid en meer mogelijkheden? Ach... Er raken nu ook
wel veel mensen door hun relaties in emotionele problemen. Maar... je kunt de klok (nu eenmaal) niet
terugdraaien.
Inderdaad, broeders en zusters, dat kunnen we niet. Daar gaat het in deze preek ook niet om. We gaan het niet
hebben over 'hoe het hoort'; nu, of vroeger. Over wat mensen als normaal beschouwen. Het gaat om iets wat
veel dieper zit. Over hoe je voelt, diep van binnen. Wat je meesleept, en waarin je kwetsbaar bent.
We horen het Woord van de Here daarover. Zijn gebod, dat gaat veel dieper dan wat je hoort te doen. Dat reikt tot
in ons hart en onze diepste gevoelens.
De liefde tussen jongen en meisje, man en vrouw, in het licht van Gods gebodDaarin is:
|
Het gaat over gevoelens zoals ze uitgedrukt worden in het Hooglied. Dat is niet voor niets een bijbelboek! Sla
het niet over! Als u de taal ouderwets vindt, kunt u een modernere vertaling nemen, zoals de Groot Nieuws-Bijbel:
"Vriendinnetje van mij, wat ben je mooi, zo mooi! Je ogen zijn net duiven, zo door je sluier heen. (...) Wat
een genot is jouw liefde. (...) Je geurt naar de heerlijkste oliën. (...) Je lippen smaken naar honing(...)".
Er is ook eens een bewerking gemaakt voor kinderen (denkt u dat die dat niet begrijpen? Weet u nog hoe oud u was
toen u voor het eerst verliefd was? Vijf jaar? of zeven...?): "Je bent zo mooi om naar te kijken. (...) Je
lippen zijn rood / als rode koralen / als je praat / praat je aardig / en mooie verhalen. / Je lichaam is gaaf /
als de toren van David. / Als de avondwind waait / en de schaduw komt aan / dan zal ik naar / geurige heuvels
gaan."
We moeten wel wat wennen aan de beeldspraak. Wij zien hier in Nederland nooit een kudde geiten van een berghelling
afdalen. Maar: "Zo golft jouw haar"; je ziet het bewegen. "Je tanden lijken op geschoren schaapjes,
zo uit de water", rustig lopend op een rij, twee aan twee. "Je ogen (daar begint het mee) - Je ogen zijn
als duiven, zo door je sluier heen". "Je slapen (of: wangen) als open granaatappels, door je sluier
heen". Er is misschien ook iets plagends in. De sluier, een grofmazige doek - die kun je een beetje verlegen
voor je gezicht samenhouden, maar ik kijk er toch wel doorheen! Ik ken je! We horen bij elkaar!
"Je hals lijkt op de toren van David, een toren met tinnen, behangen met duizend schilden, de ronde schilden
van helden". Vreemd, zo'n militair beeld? Ze draagt het hoofd fier rechtop. Een meisje met zelfrespect. Om
respect voor te hebben.
"Je borsten zijn als tweelingjongen van gazellen tussen lelies". Gazellen als beeld voor wat lief en
zacht en onschuldig is. Ze zijn wel zedig met kleding bedekt, maar juist zo horen ze bij het karakteristieke
profiel van dat aantrekkelijke jonge meisje.
"Als de avondwind komt, / de schaduwen vervagen, / ga ik naar de mirreberg, / de wierookheuvel!" Het werk
is gedaan op een warme dag, de wind brengt wat verkoeling, het licht wordt zachter, het begint te schemeren...
Romantisch. Dan wil ik met jou samen zijn! "Kom bij me..." "Kom bij me van de bergen, / van de
hoogste bergen, / van de holen van de leeuwen / en de bergen van de panters!" Daar klinkt ook ontzag in door.
Een fiere vrouw. Die grijp je niet zomaar even. Die moet kómen, uit zichzelf, van plaatsen waar het gevaarlijk is -
maar zij weet blijkbaar raad met de wilde dieren; een vrouw als uit Genesis 1, die heerst over de dieren. "Je
hebt me betoverd, bruid, mijn zuster, met één blik van je ogen, met één zo'n sieraad", "Ik ben
helemaal in je ban". Alleen al door naar haar te kijken, kun je overweldigd worden, een gevoel zo hevig dat je
er bang van kunt worden, alsof je niet meer jezelf bent, jezelf verliest. Respect, zeiden we - diep ontzag, je bent
er verlegen mee.
En dan kussen ze elkaar. "Je ruikt zo lekker!" "Melk en honing vind ik onder je tong".
"Je bent een goed gesloten tuin, / een ommuurde hof, / een verzegelde bron." Niet alleen gesloten voor
anderen. Maar ook voor hem zelf. Een meisje dat zichzelf blijft, zorgvuldig omgaat met haar gaven, zichzelf niet
zomaar weggeeft. Hoe je ook bij elkaar hoort, ze blijft altijd een andere persoon, waarvoor je je bést moet doen om
haar te leren kennen; iemand om respect voor te hebben.
"Je bent een paradijs / van granaatappelbomen met prachtige vruchten, / van geurige hennabloemen en
nardusplanten...", en nog veel meer. Gaven van lichaam en van ziel, zorgvuldig bewaard. En dan zegt zij:
"Laat de wind maar komen / dat al die geuren naar buiten stromen / en mijn geliefde ervan kan genieten."
En hij: "Ik ben er, ik geniet ervan! Jongens, vrienden, wat is dat heerlijk." Ze zijn intiem bij elkaar,
een jongen en een meisje die van elkaar houden en een vaste relatie hebben.
Broeders en zusters, jongens en meisjes, dat ontzag, dat respect, dat hoort bij de liefde. En ook dat
zelfrespect.
Wij zijn kostbaar. Want wij zijn van God. Door Hem gemaakt. Hij houdt van ons. De Here heeft ons gekocht; duur
betaald. Voor ons, lichaam en ziel. Hij heeft oneindig veel voor ons overgehad. Hij vindt ons belangrijk.
Jou zelf. Je opgroeiende lichaam, met je gevoelens, waar je niet altijd goed raad mee weet. Jongens die zich
ontwikkelen in hun mannelijkheid, en meisjes die hun vrouwelijkheid ontdekken. Je bent het eigendom van de Here; je
bent er in de eerste plaats voor Hem. Hij wil dat je je bewust bent van zijn liefde. Dat je ook jezelf respecteert.
En niet zomaar weggeeft.
En de ander. Waar jij belangstelling voor begint te krijgen, die je bewondert, op wie je verliefd wordt, met wie je
vriendschap sluit en samen leuke dingen gaat doen. Die ander heeft Hij ook gemaakt. Vind je die mooi,
aantrekkelijk, lief, geweldig? Dat is allemaal aan de Here te danken. Hij heeft die persoon met zoveel liefde
gemaakt. Daar moet je ontzag voor hebben. Hij vindt die ander belangrijk. Die is er niet alleen maar voor jou,
zomaar beschikbaar, om alles samen te doen waar je zin in hebt, (allebei). Die is er ook in de eerste plaats voor
Hem. Als zodanig heb je die te respecteren. Je moet ook weten wanneer je je handen thuis moet houden.
Wij zijn van de Here. Hij vindt ons waardevol. Dat is de basis. Met minder kunnen we niet toe, als we verliefd
worden, en als we een vaste relatie aanknopen, en als we een eigen gezin gaan vormen. Ook voor ons intieme
samenzijn heeft Hij geleden, om dat mogelijk te maken. Ook voor het Hooglied heeft Hij zichzelf geofferd. Daarom is
het zo belangrijk, dat dat ook in de bijbel staat.
En daarom staan er zulke strenge wetten in het Oude Testament, tegen verkrachting bijvoorbeeld. En tegen incest;
dat hoofdstuk, Leviticus 18, met die bepalingen over: "Gij zult de schaamte van... niet ontbloten"; dat
gaat tegen incest. En wetten over verplichtingen van een man tegenover een vrouw die hij heeft genomen en waar hij
genoeg van heeft; ook al is het maar een slavin. En wetten tegen overspel. Uiteindelijk heeft de Here God de
beschikking over ons lichaam. En Hij waakt daarvoor.
Wat er gebeurt als wij dat niet geloven en niet respecteren, dat zien we in de wereld om ons heen. Hoe ver die van
het Hooglied afgedwaald is. Daar gaat het erom hoe je een ander kunt versieren, en dat je kunt opscheppen over de
veroveringen die je gemaakt hebt. Je doet stoer. Alsof liefde makkelijk is; alsof je er uiteindelijk bóven staat.
Boven de ander. Het gebral van Lamech met z'n twee vrouwen - je hoort het terug in de liefdesliedjes in de
wereld van vandaag. Het is makkelijk aan. Geen wonder dat het ook gauw weer uit is. En dat het een leeg gevoel
blijft geven.
Dan wordt het leuk om in je stiekem praten met je vrienden, en je geintjes, of in je gedachten en fantasie terwijl
je tv kijkt, de ander uit te kleden. Bent u nog wel de baas over de knop? De diepere vraag is: is de Here de baas
over de knop van uw toestel? En is Hij ook de baas over wat er in u omgaat terwijl u kijkt?
De liefdesliedjes van de wereld blijven zo vaak draaien om jezelf, en je eigen gevoelens. In plaats van in
bewondering uit te gaan naar de ander.
Gelukkig, dat we het Hooglied hebben. Daartegenin. Om de echte liefde te leren.
Nu het tweede punt. Die liefde is trouw. De liefde van het Hooglied vraagt om trouwen. Je wilt je helemaal aan
elkaar toevertrouwen. Dan moet je ook vertrouwen in elkaar kunnen hebben. Dat je voor je hele leven op elkaar aan
kunt.
Dat is meer dan alleen een band tussen die twee mensen, samen. Daar hebben ook de wederzijdse ouders mee te maken.
"Daarom zal een man zijn vader en moeder verlaten..." Die moeten het accepteren, dat hun kind er voortaan
in de eerste plaats voor die ander is. Die moeten er dan ook in gekend worden. En iedereen heeft ermee rekening te
houden, tot de overheid toe, dat deze mensen voortaan bij elkaar horen. Een wettig huwelijk. De HERE zelf is er
getuige bij (zegt de profeet Maleachi).
Als er dan nog geen zoveel-duizend euro ter beschikking is om een groot feest te geven, met 150 gasten en een band
met grote luidsprekers, dan moet het maar wat minder; maar wel: trouwen!
Blijf haar zo zien, en van haar houden, haar respecteren, zegt Spreuken, zoals je haar hebt leren kennen in je verkerings- en verlovingstijd. Ook als het nieuwe er af is en het leven jaar in jaar uit z'n gewone gang gaat en allerlei zaken en zorgen je aandacht opeisen. "Verheug u over de vrouw van uw jeugd: een lieflijke hinde, een bekoorlijke ree; laat haar boezem u te allen tijde vreugdedronken maken, wees bestendig verrukt over haar liefkozingen". Ze is nog steeds een geschenk van de Here voor je, maar dat moet je dan ook wel telkens weer van Hem aannemen.
Zo'n huwelijk, waar je voor vecht - we hoeven het niet te idealiseren - daar gaat een zegen van uit. In het
verlengde van het Hooglied ligt niet alleen het ene feest van de trouwdag, maar ook, later, het huwelijksjubileum;
misschien zelfs wel meerdere. Er gaat een zegen van uit voor kinderen, als die er komen. Een kind dat opgroeit in
een gezin en weet: vader en moeder zijn er voor mij. Er gaat een zegen van uit voor vrienden, ook ongetrouwde
vrienden; voor mensen die steun nodig hebben; voor kinderen uit onvolledige gezinnen. De zegen van gastvrijheid en
geborgenheid.
Mensen die gewend zijn aan de vrijheden van deze wereld, aan losse relaties en echtscheidingen; kinderen die nog
één keer in de veertien dagen een weekend naar hun vader gaan en verder te maken hebben met de nieuwe vriend van
moeder - die zullen voelen dat dit toch gezonder en fijner is. Van het christelijk huwelijk gaat iets uit van de
rust die de Here geeft.
Want je bent onderweg naar Hem. Naar de gróte bruiloft, de bruiloft van het Lam. Als getrouwden, samen met de hele
gemeente. Ook de ongetrouwden. Dat wordt een zo groot feest, dat alle bruiloften op aarde daarbij verbleken en
verouderd zijn. Het Hooglied mondt uit in het loflied van de bruid van Christus op haar bruidegom.
Als je daarheen op weg bent, ben je trouw aan Hem. En daarom ook trouw aan elkaar. Dat zal uitkomen in de manier
waarop je hier met elkaar omgaat. De Here liefhebben, én: je naaste liefhebben, je broeder; (ook) de ander, van het
andere geslacht, met respect behandelen, als een van de minste broeders of zusters van de Heer - dat hoort bij
elkaar.
Je gaat niet op proef samenwonen; eerst kijken hoe het gaat. Je belooft elkaar trouw. De HERE zegt bij de profeet
Maleachi: "Ik haat de echtscheiding" - en dan moeten we niet zeggen: Als er twee scheiden hebben er twee
schuld, want dat is niet altijd zo; bedoeld is: de HERE haat het verstoten. "Pas op voor uw hartstocht" -
diezelfde hartstocht van het Hooglied, geef die niet aan een ander. Wees niet ontrouw aan de vrouw van je jeugd. Je
draagt verantwoordelijkheid voor elkaar. Je mag elkaar niet verlaten, niet in de steek laten, in de kou laten
staan, afdanken en weggooien. Wat een problemen levert dat op; wat een schade voor de ander; jaloezie, die mensen
tot het uiterste drijft - we horen er soms van in het nieuws; maar ook Spreuken waarschuwt ervoor. Met een nieuwe
relatie 'bloeit er weer iets moois op', zeggen mensen dan - ja, dat zal wel, maar je maakt een oude kapot;
kijk uit voor de jaloezie van de eigenlijke echtgenoot! En de kinderen worden de dupe: ze krijgen emotionele
problemen; op school gaat het mis met ze. Zo gaat het vaak.
Dat zijn de consequenties van de moderne, lossere seksuele moraal. Onze samenleving went eraan. En je kunt ook
makkelijk 'kerken' vinden die die moderne moraal accepteren en er niet moeilijk over doen.
Laten we onszelf niet wijsmaken dat onze kerkmuren dat wel zullen tegenhouden, broeders en zusters Dat we met
elkaar heus wel weten en onthouden 'hoe het hoort'. Ouders, praat er met uw kinderen over, over wat de Here
wil en niet wil tussen mannen en vrouwen, tussen jongens en meisjes; aanleiding genoeg. En jongeren in de kerk,
zoek elkaar op, om met elkáár leuke dingen te doen en te genieten van het leven; want je hebt elkaar nodig. Samen
op weg naar de grote dag van jullie Heer; jouw Heer; dat is, in de wereld van vandaag, het enige medicijn voor je
relaties.
Amen.
http://www.prekendiespreken.nl/
Heeft U vragen of opmerkingen, mail naar
© Copyright Preken die Spreken / Speaking Sermons / Pregação Viva,
2004-2012.
Niets uit deze uitgave mag gepubliceerd of vermenigvuldigd of openbaar
gemaakt worden in welke vorm dan ook, zonder de voorafgaande schriftelijke
toestemming van Richard J.C. Vos en de bijdragende predikant. Voor vermenigvuldiging
ter voorbereiding van, en openbaarmaking tijdens diezelfde zondagse eredienst,
of ter voorbereiding van bijbelstudie(bijeenkomsten) is geen toestemming nodig.